De beslommeringen van een ligfietsende levensgenieter

Categorie: blog Pagina 1 van 56

De (f)luisteraar, de Belgen en de lerares

In de serie bijzondere ontmoetingen kom je wat tegen.

Ontmoeten betekent zo  wie zo iemand tegenkomen of tegemoet komen. 

In deze serie heb ik al eens gesproken over de fluisterende luisteraar. Enfin, ik kom hem regelmatig tegen. Samen zijn we vanaf dat moment altijd wel onderweg. 

Ook trek ik er met enige regelmaat in mijn uppie op uit. In het drukke toeristische wereldje van Nunspeet kom je zo het een en ander, of bijzondere mensen, tegen.

De Belgen.

Bijzonder zijn onze Belgische buren. Als vreemdelingen gaan ze met hun elektrisch aangedreven tweewielers door de wonderschone Veluwse dreven. Zij werden aangedreven door electra en ik door of nieuwsgierigheid of gewoon beetje medemenselijkheid, misschien ben ik wel vriendelijk, hoe dan ook, ik zag ze staan. Delibererend naar links, naar rechts, amay manneke, mijn vorenstaande eigenschappen dreven mij op weg naar deze verwarrende types. “Kan ik helpen?”

“Oh, gaarne meneertje, wij willen naar Vierhouten op de punten” . Het hijgwerk ontging mij niet. “Gaat u toch even zitten, dan zal ik u vertellen…” Mevrouw zeeg neer op de plaatselijke anwb paddestoel.  Ze zijn er natuurlijk niet om op te zitten, maar om op te letten. “Mevrouw, kijk u wilt naar Vierhouten?” Beiden knikten instemmend. “Ha meneer,  gisteren stonden we op de Cauberg en nu willen we naar Vierhouten. Maar hoe?”  Meewarig schudde ik mijn grijze hoofd. “ Ach mevrouwke,” kennelijk moet ik altijd verkleinwoorden voor onze buren uit België gebruiken, “ach mevrouwke, u zit op de route….”   de gein ontging haar. “Kijk dan toch, u zit erop…oh, betekent dat een route? “Nee, maar wij rijden op de bordekes met nummertjes, meneer”. Maar staat daar ook Vierhouten op? “ Enfin. De slimmeriken heb ik een stukske voorgereden en voorts verwezen. Verweesd en verbaasd over zoveel eigen wijsheid bleef ik achter. Wij rijden op de “bordekes met nummertjes”. Het zal wel. Volgens mij ook nog steeds gewoon op een fiets, maar goed…

De lerares.

De zomerse drukte op de Veluwe betekent stapvoets rijden met je gewone fiets.

Gelukkig biedt dit kansen. In het deeltje bijzondere ontmoetingen kan ik verhalen dat ook wij bizarre staaltjes van het menselijk geslacht tegenkomen. 

Zelf kreunde ik van inwendige gedachten. Ze moesten maar verzet worden. Trappen op pedalen kan mij helpen. Aangekomen bij het plaatselijk pompstation viel mijn oog  (ik heb ze allebei nog hoor) op een bijzonder over haar stuur gebogen vrouwelijke fietskampeerster. 

Mijn aangeboren hulpvaardigheid wilde meteen wel aangeven hoe zij moest fietsen. Oh, haar reactie was buitengewoon. Je hebt van die sarrende mopperkonten die alles zelf willen doen en alles zelf heel goed weten, maar deze jongedame vond het helemaal geweldig. In coronatijd eindelijk eens een contact. “Leuk meneer dat u mij even helpen wil, ik moet nl naar Dongen en moet daarvoor eerst bij Elburg de brug over. Weet u een beetje leuke route?”

Ik sta redelijk stevig op de twee fundamenten die onze lieve Heer mij  gegeven heeft, maar mijn baard wipte over mijn oren,  mijnadamsappel verslikte zich van stomme verbazing  en ik zal gekeken hebben of dat ik iemand spiernaakt in de kerk zal hebben zien streakeren.

Haar open blik keek mij met grote verbazing aan. “Enfin, zei ik, Dongen? Mijn beste jonkvrouw en me too in 8 nemend, dat meen je niet, dat klopt van geen kanten “ …maar haar standvastigheid gelardeerd  met superjeugdige overtuiging, Dongen was de place to be. Dit ouwe kereltje kon kletsen wat ie wilde, Dongen, voorbij de Elburgse brug.

“Zal ik je eerst maar eens op weg helpen naar de brug van Elburg? Ik moet toch die kant op en dat laatste stukje kan ik je wel aanwijzen, dan kunnen we nog even googelen naar Dongen, want ik geloof er niks van”. Nou dat samen op fietsen was een geweldige opsteker. Afkomstig van de Hoge Veluwe, kamperend zonder vooraf kennelijk  te hoeven reserveren, wilde ze wel een rondje Nederland.  Corona. Alleen en al tijden eigenlijk niemand echt gesproken. De reis naar de Ardennen had ze maar afgezegd door de coronabeperkingen.

Zo kabbelden wij voort over de Molenweg naar de Oude Zeeweg. “Was hier zee dan?“ Alleen zo’n vraag doet mij gloeien van praatlust. En zij vond het fantastisch. Zelfs bij hoog en bij laag blijvend beweren dat zij ook met de fiets, voorzien van overvolle tassen –wel van goede kwaliteit trouwens, best door de Ardennen had kunnen fietsen. Nou, ’t mag duidelijk zijn dat mijn ervaringen op dat gebied net even anders zijn. Hoe dan ook, na de uitleg over de verdwenen Zuiderzee naderden we ons bankje. “Nou, op zoek naar jouw Dongen!” De verrassing was haar bijna te machtig. Toen ik vervolgens op mijn kleine wondertje van techniek haarfijn kon uitleggen hoe  haar groene mini- camping P90, want dat had ik goed ingeschat, over de brug viel te bereiken (tweede weg over de brug rechts)  keek ze me dankbaar aan. Rode wangen vertelden dat ze innerlijk nog iets moest overwinnen. “Ik moet wat bekennen,”  zei ze. Verwachtingsvol keek ik haar aan. “ Je hebt het met Dongen en Noord-Brabant helemaal bij het rechte eind. Ik schaam me.”  Ik vraag haar waar dat nu voor nodig zou zijn. “Ach, ik moet bekennen dat ik onderwijzeres aardrijkskunde ben.”

In de verte krijsten wat meeuwen, mijn bulderend gelach verstoorde hun zondagsrust. 

Snel hebben we ons kruispunt der wegen bereikt. “Ga maar rechtdoor, einde weg links, voorzichtig met oversteken na de brug 2e weg rechts en nog veel kampeerplezier.”

Een groet en een dikke handdruk. Zo scheiden de wegen.

Ontmoeting

Als je ouder wordt, je niet verstopt, dan heb je kans dat je nog wel eens iemand tegen het lijf loopt. Zo af en toe maak ik dan wel een verhaal voor de luisteraar en de fluisteraar. Doe “kont” van die ontmoeting.

Terwijl ik dat zo allemaal stond te overpeinzen werd ik opnieuw geraakt.

De overpeinzing van het geheel ging als volgt.

Allemaal, staart aan staart. Niks regeltjes voor dooie Hollandse Nieuwe. Ze liggen werkelijk staart aan staart bij de viskraam. Peinzend nam ik het geheel in mij op.Verse vis, maar oh, zo dood als een pier…Maar ook:  De uitgestalde waterlanders voor mijn mond en in mijn mond deden smaakvol werk. Ah, wat zou je…

“Ha, ben jij Pie..”

Ruw werd ik gewekt uit mijn smakelijke overpeinzing.

Vertwijfeld drukte ik mijn pet op mijn hoofd. Was dat tegen mij? Hoorde ik dat goed? Want ja, ik word echt wel een dagje ouder. Die oortjes die doen het niet meer zo best…

Stond ik daar nu jandorie een beetje voor paal voor die visboer?

Nog schielijk een blik werpend op de verrukkelijke dooie karpers van de Noordzee, hief ik vertwijfeld mijn hoofd naar links. Daar zit immers het grootste gehoor probleem.

Nee, niemand die ook maar een kik gaf. Allen druk in de weer met de ander op 1,5 meter, maar niet met mij. Met een ongeremde ruk naar rechts keek ik in de staalblauwe ogen van een wondere schoonheid. Zij herhaalde de vraag met verrukkelijke open ogen en open blik “Ben jij P..?” 

Pfft, je wilt niet weten hoe snel dan de gedachten en woorden door dit ouwe grijze kalende bolletje schieten. Hoe snel gaan gedachten? Even snel opgezocht bij vriend Google. Nou, de snelheid van het licht kan ik soms blijkbaar halen maar de andere vormen die door grote denkers aan het net zijn toevertrouwd mag de lezer zelf maar eens onder de loep nemen.

Hoe dan ook, een heel scherpe geest die onmiddellijk na het horen van de voornaam, rijmend op Hetty maar dan anders (voor de privacy houd ik het hier maar even op) de achternaam van een Pool”wezen” kon produceren, deed zelfs mijzelf verbazen. Immers meer dan 40 jaar geleden woonde dat kleine meisje naast mij. Maar nu een volwassen vrouw. En hoewel ik de berekening van de snelheid van het menselijk brein niet kan volgen was wel duidelijk dat dit heerschap fantastisch snel de “link” had gelegd.

Kijk, het verdere van de “herinnering” deel ik niet. Die sla ik op in mijn wankele geheugen. Maar voor je het weet klap je meer dan 42 jaar terug en is herkenning daar. Ik ben verbaasd. Over haar, wat een kanjer van een geheugen. Over mijzelf, wat een …oh ja, bakje kibbeling gekocht. Giga lekker. 

En ja, ik denk, dus ik besta.

 Nunspeet, april 2021.

Harder vraagt om advies.

“Dag Harms, ik heb je raad nodig. Gek word ik van al die mogelijkheden om te kiezen. Weet jij raad?” Voordat Harder zelfs de vraag maar had gesteld was die over zijn lippen gekieperd. Harms keek eens naar zijn nieuwe vriend. “Moeilijk man, moeilijk. We zijn zo rijk gezegend in dit land. Keuze nota bene uit 34 partijen. En weet je, je kunt al die partijprogramma’s gewoon bestuderen. Harder, gij hebt daar dik de tijd voor. Met pensioen, niemand die je op je lip zit, dus wat let je? En weet je, het is zo fijn om eens te kiezen uit: kieswijzer 2012, kieskompas, stemwijzer, stemchecker, stemhulp, op wie moet ik stemmen, of wat denk je van de sexwijzer tot boerderij kieswijzer… Ik vermoed, mijn beste, dat je alleen daarvoor al een paar dagen kunt gaan googelen.

Bijna zou ik zeggen: niet zeuren, maar gewoon doorpakken. Niet kiezen kan ook, zeg ik maar, dat is ook een keuze. Of allen aankleuren, man, ben je meteen een ochtend of middag op zo’n stembureau bezig.”

“Zeg, Harms, zit jij me nu…?” Nee, Harms schudde meteen zijn bolle hoofd. “Neen Evert Harder, bij mij kom je niet zo makkelijk weg. Tel je zegeningen kerel, je hebt volkomen vrijheid van stemmen.

Kijk, als al die hulplijnen, die vriend Google jou biedt, niet meer werken of je denkt dat je met hun algoritmes jou in een bepaalde hoek drukken, tja dan…” “Nou Harms, dat is het. Ik weet het niet, daarom zoek ik nu juist onafhankelijk en deugdelijk advies. Lijkt me heel bijbels om de vragen van het leven te bespreken met wijze…” “Ho, mijn beste Harder, ik wil niet vervelend zijn, maar kijk dan eens naar al die prachtige plaatjes. Bushaltes, huizen, tuinen, akkers, ze staan er mee vol. Levert je dat niks op?” Harms keek vertwijfeld naar Evert Harder. Die man, snapt die nu echt niet dat het leven net zo simpel is als een vakje roodkleuren? Een vakje maar, en voor de rest gaan anderen daarmee aan de slag. Nee, Harms wist het wel, als je binnen de lijntjes kleurt, dan wordt de stem gewoon meegeteld. Gaat op de grote hoop, wordt gedeeld door uitgebrachte stemmen en plaatsjes in het parlement en voilà, de dames (niet te lang van stof graag) en heren (niet teveel leuteren mannen), kunnen gaan formeren dat het een lieve lust is. Het volk zal hun gelag betalen…Kijk, het is wel duidelijk. Eerst maar eens kijken naar het formaat van hun plaat. Dan weet je meteen dat sommigen niet erg “bescheiden zijn van aard”. Ik zeg verder niks hoor, maar kijk maar eens naar de plaatjes…Goed. Er is er eentje die al dik tien jaar aan het roer staat. Nou, er zijn er bij die helemaal als stelletje schurken zijn weggezet. Harder, jongen, van die club moet je het niet hebben. Het is zoiets als “ liberaal”  maar ik zeg, het rijmt op: zo glad als… juist ja. Nou, dan is er eentje die ook niet mis is. “Stem voor nieuw leiderschap…” eerlijk is eerlijk, snappen doe ik het niet. Binnen “de kerken” blijkt deze club veel aanhangers te hebben. Ik moet je zeggen zelf dacht ik dat het woord “leiderschap in dit onderhavige geval zou moeten worden geschreven met een “IJ”. Ik weet het niet, Harder, krijg er geen best gevoel bij. Zelf heb ik veel moeite met hun standpunten over (pril)leven en dood(swens) en zo. Laat iedereen vrij en niemand vallen. Tja het is, ik wil je niet in de put praten mijn beste, niet mijn keus. Ergens zag ik ook een giga plaat van iemand die de wijsheid van een uil zou hebben. Echt, jongen, mag ik dat als oude man wel zeggen?, echt, die wijsheid heb ik nergens kunnen ontdekken. En ik ga niet voor cabaretier op de planken hoor, want zelfs met Angela kan ik zeggen “t joh, bijna zou ik uit medelijden op hem stemmen”, dat was wel zo laag bij de grond. Enfin, ik wil er geen woorden aan vuil maken. Niet doen, denk ik. Maar? Je bent in de mooie land volkomen vrij..Over vrijheid gesproken, ook een oogopener is om de verkiezingsbeloftes ten aanzien van defensie er eens op na te slaan. Als we, Harder, zo doorgaan dan moeten we maar eens de wei in worden gestuurd. Daar is er eentje die nog wel wat aardigs voor defensie in zijn budget opneemt, de anderen?

Kijk, Evert Harder, als je nu echt naar mij wil luisteren, en waarom zou je niet? dan denk ik maar zo: bescheiden, recht(s) door zee, met vallen en opstaan, is er een club die er wel werk van maakt. En gemaakt heeft. Niet wegloopt voor verantwoordelijkheid, niet wegrent bij kritiek, die toch dat verhipte geluidsoverlast en vervuilende luchtparkje in de polder aan banden wenst te leggen. Zelf denk ik bhierbij bijvoorbeeld aan Eppo Bruins,  ook al is hij blijkbaar  niet helemaal meer acceptabel en op een echt verkiesbare plaats gezet (daar heb ik zelf behoorlijk wat moeite mee, maar ja, ik ben geen lid).Jammer, want men moet wel verjongen, maar ik zeg je moet kennis ook niet “vernielen”. 

Kijk, je kunt ook gewoon eerst scippen wie wel en niet behoorlijk koningsgezind zijn. Ik zal daarin verder niet adviseren. Maar weet dat de koning gewoon ook meer bijzondere rechten heeft dan een gewoon burger. Kijk maar eens wat de bijbel daarover zegt. Samuel heeft er “een boekje open over gedaan”, dus zolang wij een koning hebben mag hij zijn privé terreintje inclusief vette subsidie gewoon houden. En vergis je niet, als je toch meer republikein bent, die “heren presidenten kiezerij, dat kost bakken,  bakken,  bakken vol geld. En ik stotter hier niet.

Als je die partijen nu vervolgens ook van je lijstje schrapt, ben je al behoorlijk op weg een verantwoorde keuze te maken.

En hoewel de “baas van het geheel” steeds zegt: “ga stemmen”, moet ik hier ook zeggen “ kies voor wat echt telt”. Wellicht dat je dan vanavond lekker kunt slapen. Bruin(s)er kan ik het niet bakken voor je.

Of te wel: oogjes dicht, snaveltje toe.

Succes bij je keuze.

Corana perikelen?

Wat een wereld. Harms schudde zijn hoofd. Opnieuw stak de hoofdpijn op. ” Vrouw, ik ga fietsen. Ik ben het zat hier binnen. Oké?”   “ ‘Tuurlijk joh, gooi de ellende maar even van je af. Desnoods ga je toch gewoon naar Schele Japie? “

Kijk, dat waren woorden die de ware vrijheid kenmerkten. 

Niet veel later zat Harms ineengedoken in zijn Anwb jas, lekker dons, lekker warm, op zijn fiets. Spoedig kwam de Gulle Gaper in zicht.

“Ha Harms! Fijn je te zien. Klere zooi joh, tent ist geschlossen. “ Japies gezicht straalde van genoegen. Eindelijk weer iemand op bezoek. In deze tijd is dat bijna een wonder. Nou ja Japie, dat klinkt wel erg antiek of teveel 75 jaar geleden, zeg maar.” Schele Japie keek Harms aan. Zijn linker oog sjeesde naar de rechts en de rechter kieperde naar boven. Fraai was het niet, maar Harms was het wel gewend. 

“Ja Harms, ik weet het, het lijkt wel op de oorlogstijd, maar die avondklok, die lock down, man ik word er, down, knetter en opstandig van.”

Japie had inmiddels de bruinenbonensap op vakkundige wijze in een prachtig kopje ingeschonken. De dampende geuren doortrokken de taveerne. Gulle Gaper, zonder publiek, maar gevuld met een aroma waar je je vingers bij zou aflikken. Dat kon die Japie wel.  “Tjonge Japie, weet je wie ik onderweg steeds weer tegen kwam?” Japie keek nu redelijk recht naar Harms. “Nou? Kees. Kees man. Bijna in elk dorp en dan in veel tuinen en weilanden staat onze Kees. Nationaal rechts geleerd kamerlid.

dav

Harms keek eens peinzend naar zijn ouder wordende vriend.

“Ja Japie, ik moest er ook uit, Coronatijd of niet. Ik ben nu alleen, dus? “ “Oh ja, joh kom binnen, gewoon aan onze stamtafel kan niks geen kwaad en… ach dank man. Ik was het zo zat. Geweldig dat jij  zo aan komt waaien. Doet een mens in alle eenzaamheid wel goed. “ Ja, Harms zag het wel. Het viel alles behalve mee bij Japie. Als dat zo doorgaat, gaan mensen gewoon dood van eenzaamheid. Je zult maar kastelijn, biertapper, horecaondernemer of hoe ze die mensen ook mogen noemen, zijn, in deze tijd.

Langzaam lurkten de beide mannen, starend in het kopje, naar de bruine schuimende delicatesse. “Komaan Japie, ik heb nog werk te doen. Evert Harder heeft mij om advies gevraagd. Hoe te stemmen. En ja, ik begrijp ook wel dat hij dat graag van mij horen wil. De wereld is bijna gek aan het worden en dat wil je wel eens een deugdelijk advies. Kerel, ik ga snel aan het werk. Dank voor je voortreffelijke bak”.

Japie knikte. Dankbaar voor zoveel aandacht van de vriend uit de Veluwse zandgronden.

Het kan vriezen en dooien, maar met die Harms kon je best een bak doen. Ondanks of dankzij Corona. Dat wist Japie.

“Tabee, Japie. Een volgende keer maar weer. Wie weet, moeten we dan gaan formeren!”

En weg was Harms.

Pagina 1 van 56

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén