Oorlogsherinnering

Verscholen in de bossen van Nunspeet/Vierhouten ligt het verscholen dorp. Weggestopt door de wreedheden van het verleden. Een blijvende herinnering is vastgelegd. Laat het blijvend gedenken voorop staan. Het lijden vertelt. Het lijden geleden. Zo was het in het verleden. Maar helaas geen verleden tijd. Monumentaal gegrift in woeste grond. Het verleden van ondoorgrondelijk menselijk leed. het blijft:

Een onderduikersonderkomen.

Oorlogsmonument:

Mens ontering

Mens ontbering

Tekenen uit deze tijd

Nooit vergeten

Zij moesten weten

Dat zij zijn in onze tijd zijn

Teruggekeerd in

Mens e tijd

Men leert niet snel.

Nu

wel bevrijd

Maar altijd vol aan

herinneringen.

Het leven gaat het leven door

Maar altijd blijft

dit eeuwig spoor.

Daar wordt een mens stil van

Onderduikershut

De eerste veldslag?

De eerste veldslag of wederopstanding van een verlosser?

Een selfie op het aambeeld van zelfgenoegzaamheid lag deze achterliggende periode een naakte man. Zelf gepost. Vanmorgen kreeg ik tijdens de wandeling een fabeltjes krant digitaal toegestuurd. “Baudet redt!”

Ach, ik had misschien beter moeten kiezen voor de partij “Jezus redt”. Een gemiste kans.

Nou heb ik volstrekt al niets met naakte mannen. Laat dat duidelijk zijn. Nee, dat kan mij volstrekt niet bekoren.  Maar dit soort ambities zo ten toon spreiden lijkt mij ook vragen om problemen. Voor mij is dat de naakte waarheid.

Ik denk hierbij aan de poster van een partij met een poedelblote vrouw. En eerlijk is eerlijk, ik zou die poster best willen hebben. Die is nog steeds een boel centen-en misschien ook wel het bekijken- waard. Al bedenk ik hierbij wel dat die partij nu een “stille dood” is gestorven. Opgegaan in Groen Links.  Een partij die voor de afschaffing was (?) van de monarchie, het leger, de Binnenlandse Veiligheidsdienst en bv. ook de mobiele eenheid als ik het mij goed herinner. De Binnenlandse Veiligheidsdienst, die, zij het in wat andere vorm,  geweldig heeft geopereerd na de Utrechtse aanslag. Wat hebben die mannen en vrouwen fantastisch snel en adequaat gehandeld! Hulde voor die ambtelijke inzet.

Amper bijgekomen van de  veldslag die blijkbaar was gewonnen, nam ik de geschiedenisles van de verkiezingen tot mij. Ja, daar zou je hoofdpijn van krijgen. Maar mijn partij heeft gewonnen. Kijk, dat geeft de burger moed.

Vele kiezers hebben zich aan de aanbidding van de naakte showmaster gewijd. Aanbeden door duizenden. En zijn maatje meende vlak voor de verkiezingen “munt te slaan” uit die afschuwelijke gebeurtenis in Utrecht. Dat ze dat “potdorie nu ook nog effe flikken” of woorden van gelijke strekking. Schandalig, want daarmee zouden de huidige machthebbers “weer goed wegkomen”. Het is in en in triest als dit soort woorden gebruikt worden. Nog triester is het,  dat schaamte ver te zoeken bleek. Gespreide vleugels van Minerva? Volgens de krant werd met de uitspraak van de grootspreker bedoeld: “Het inzicht komt pas als de consequenties echt duidelijk worden. “

Ja, dat zou zo maar eens kunnen.

Als je de lijsten zo eens doorneemt moet ik denken aan wat Abraham overkwam. Al zijn het er maar 10, Heer. “Ik zal haar niet verwoesten”.  “Jezus leeft “had er gelukkig nog heel wat meer dan 10. Maar ook nu blijkt er wel een verwoesting gaande te zijn in ons land met deze verkiezingen. Ben ik nu eigenlijk, zo vroeg ik mij al wandelend af, een azijn”p” dat ik zo negatief ben?

Ik kijk om mij heen. B. had inderdaad wel punten die tot nadenken leiden. En ook terechte punten van kritiek. Natuurlijk hebben de “machthebbers” zich, door ondoordachte methodes als een “volksraadpleging” referenda, het met alle macht doordrukken van de elektrische auto, zonnepanelen, windmolenparken, landschapsverwoesting  etc. van het “gewone volk”verwijderd.

de gewone man kan zich dit soort luxe niet permitteren. Noem het van mijn part dat zij zich “stinkende” hebben gemaakt. En logisch dat zoiets reactie oproept. Het Baälsgodsbeeldje van het referendum keerde zich knetterhard tegen de gevestigde orde. Ook hier geldt dat de bestuurders vaak veel teveel in zichzelf gekeerd waren. Natuurlijk heeft die club daar een punt. En best meerdere. En zeker, deze groep mensen hebben heel knap hun plekje binnen de bestuurderselite weten in te nemen.  Maar besturen is nog steeds iets heel anders dan “brullen dat iedereen het fout doet, ”kartelvorming  etc”. Helaas mensen, wacht maar af tot deze wijze mensen, die buitengewoon goed kunnen kraaien dat we het hier zo verschrikkelijk slecht hebben, het voor het zeggen krijgen. Voor besturen gelden andere kwaliteiten.

Jammer dat boer Koekoek ( van de partij voor vrijheid en recht)  er niet meer is. Hij zou zeggen: “Ik heb het altied al gezegd”.

Er gaat veel fout in dit land. Daar hebben ze van Fvd dus ook wel weer gelijk in. Bijvoorbeeld: Het barst van de bordjes in onze natuur.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is borden.jpeg

De geldschieters geven werk aan de bordjes- ontwerpers, de bordjes-makers, de bordjes -plaatsers. De schoonheid van de natuur krijg je echter bijna door de bordjescultuur niet meer te zien. Het is feitelijk bij de beesten af. Kijk, daar erger ik mij aan. Maar daar hoor ik niemand over. Ook heb dus kritiek op de bestuurderscultuur. Ooit heb ik een verantwoordelijk wethouder daarop aangesproken. Over een afstand van een kleine kilometer meer dan 80 borden en bordjes. Kritiek?

“Hierbij behoor ik mijn hand ook in eigen boezem te steken. Met de Paplepel is mij ingegeven dat gebed voor allen die boven ons gesteld zijn noodzakelijk is. Helaas, dat doe ik veel te weinig. Maar ooit, toen ik begon als ambtenaar, was en ben ik onder de indruk gekomen van de intensheid waarmee een vader van een oud-collega (Pap)voor hen die dienstbaar zijn aan ons land, bad voor wijsheid. En dat was geen uilepies kan ik u verzekeren. Voorbeeldig.

Zo peins en pieker ik op mijn wandeltocht door de restcultuur van wat eens de woeste Veluwe was. De Veluwe met zijn vossen, edelherten

en wilde zwijnen.

Pas maar op als de boer zijn passie preekt. Wolven liggen op de loer. Ook weer op de Veluwe. Nog even en ik stap fluks in een wolvendrol. Maar alles is beter dan dat ik stap in de drol van B. Als die wordt vertaald uit het Frans, dan kom je uit op “Ezel”. Zo dom wil ik niet zijn. Ja, verlosser? Hij zal zich als mp eens voorstellen in Frankrijk!

Verkiezingsuitslag? ’t Is bij de beesten? Af.  

Rondje Kerkdijk.

 

Beetje afgezaagd. Zo’n kop past niet. Maar ik heb even geen andere kop in gedachten. Gedachten, die rollen en tollen. Zomaar even een wandeling. Sfeer snuiven. Goed voor de bloedsomloop. Een omloop door de Doornspijkse dreven. Gedreven door , ja waardoor eigenlijk? Wat piekert en peinst een mens een eind weg. Op weg naar een rondje Doornspijk. De zondagse wandeling was er niks bij. Bijna zou je je het vergeten zijn. Maar inderdaad, op zondag was de “sabbatsreize” van begin Wolter Vinckeweg/Zuiderzeestraatweg West 102 naar Soppenhof en weerom.2015-05-01 14.26.17

Nu, anno 2019, moet het blijkbaar gebeuren om te peuren in de kanalen van de herinnering.

Waarom? Had ik met Doornspijk wat? Wat zou dat zijn? Inderdaad, melancholie of heimwee? Ik weet het niet.

De Veldweg. Soppenhof. Een paar ganzenIMG_6375 keken mij glazig aan en draaiden zich pontificaal met hun achterste naar mij toe. De Papenbeek.dav Oeroud, maar stroomt nog steeds.

Op naar de Kerkdijk. ’t Oude kerkornament laat ik links liggen. Beetje nepperig. Kende ik niet, al is het plekje  natuurlijk fantastisch. In van der AA staat daarover ook best wel het nodige beschreven. Met feesten , uh, ik meen geesten en partijen.  De Kerkdijk. Glibberend en glijdend door het vochtige gras. Daar de Goorkolk.

Ineens bloeit de hemel open. De eerste zonnestralen omstrelen mijn herinneringen en zetten mijn “levenspad” voor deze middag in volle gloed. Zoals de diepe ader van puur geluk die wordt aangeboord en als een fontein je levenselixer een oppepbeurt geeft. Hier, bedenk ik mij,  was het dat ik juist daar voor het eerst van mijn leven met een bamboehengeltje aan de waterkant zat. Met de vader van mijn zwager. Vissen. Leren hoe je dat pluimpje en dat wormpje moest haken. Dat zelfgemaakte dobbertje van een kurk en sateprikker. Een emmertje witzand met larven als lokvoer. Het voert te ver om er over te spreken. Je zou in vervoering kunnen raken. En fantasie zou vertroebelend kunnen werken.

Een mens zou er bijna van kunnen gaan grienen. Maar grienen doe ik niet. Het geluksgevoel moet niet worden weggespoeld met zoute biggels. Daarvoor koester ik het moment. Verman mij tot de kleine Doornspijkse vent en leg het vast voor mijn nageslacht.

Goorkolk. Zo mooi.

Mijn wandeling zit erop. Een verdwaalde gast liep vanaf daar met mij mee. Stilte. Ruimte. Uitzicht. Het zijn zijn woorden. Daarvoor was hij daar. Een oud Nunspeter in Doornspijk neergestreken vanuit Groningen. En ik, oud Doornspijker of oude Doornspijker, nu in Nunspeet terug gefladderd na wat verveende omwentelingen. Welke streken we vroeger ook hebben uitgehaald, nu ingehaald door  herinneringen.

Verenigd in onze heerlijke wandeling over de Kerkdijk met zicht op HeusbeekIMG_6379IMG_6381 aan ene zijde en Goorkolk aan andere zijde.

’t Was goed.

Fantasie

Verbeeldingskracht, vermogen om zich in situaties in te leven of verhalen te bedenken, volgens Wikepedia. En uit de beschrijving van de Dikke van Dale laat aan verbeeldingskracht ook geen twijfel bestaan.

Wonderlijk. In dit woord “fantasie” zit verborgen “fantastisch”. Misschien is het wel fantastisch. Rijk aan verbeeldingskracht. Maar verbeeld ik het mij? Er werd mij –min of meer- (dus voor mijn gevoel “meer”) verweten dat ik fantasie in mijn werkelijkheid had gestopt. Gek, dat je je  dan eigenlijk  een beetje verongelijkt voelt. Tenminste, ik voelde het als verwijt. Maar is dit mijn verbeeldingskracht?

Zit ik dan om woorden verlegen? Kan ik het ook niet af met “en toen was het zo”. En “ik deed dat”. En: “zo was het” . Terwijl ik het liever als volgt zou omschrijven: terwijl de gierende storm om mij heen de wolken deed schudden op de grondvesten, zat ik stilletjes in mijn jas weggedoken achter mijn camouflagenet. Daar, daar kwamen ineens de aalscholvers aangevlogen. Prachtige wiekend met hun gevederde vleugels, klapperend met hun keelzak en spiedend om zich heen. Je kunt zeggen: ja, ik keek naar een zwik aalscholvers. Of: ik keek naar aalscholvers, of: er waren aalscholvers. Al die beschrijvingen kloppen. Maar klopt het, als ik zeg: de eerste is toch even iets spannender?

Nog een voorbeeld. Vorige week ontmoette ik een paar oude klasgenoten. Klaar. Maar je kunt dit ook zo zien, waarbij de fantasie zich op dat moment direct trekt in het leven van de medemens. Een mens, oh, zijn vader en moeder hadden kennelijk seks gehad. En die ouders van de vader en van de moeder ook. Wauw, als je bedenkt waar ze seks hebben gehad kan het verhaal wellicht nog smeuïger worden. De situatie zou je dan kunnen verlevendigen. En zeg nou zelf, het klopt toch? Anders waren die beide mensen er niet geweest. Normaal is dat de vader en de moeder met elkaar hebben gevreeën. Nou ja, zonder kwalificatie: ze hadden seks. Is dat fantasie? Ga even na, twee vaders, twee moeders hebben seks, maar die twee vaders en die twee moeders hadden ook vaders en moeders, die hadden ook seks. Ik kwam er twee tegen. En in de fantasie van de werkelijkheid kon je zo even heel snel uitkomen op wel 256 mensen die seks hebben gehad.

Fantasie? Nee, zuivere waarheid. Fantastisch toch? Er kan echter tegenwoordig wel een beperking op dit verhaal worden aangebracht. Dat is geen fantasie en gaat als volgt:  Er was een dokter, met een spuitje en toen kwam het spuitje en enkele maanden later kwam er een spruitje….Maar ja, dit is toch fantastisch dat die verbeeldingskracht werkelijkheid kon worden? Dat hadden ze 50 jaar geleden nog mooi niet kunnen bedenken.

 

Fantasie? Fantastisch.