Vandaag zit Harms er sombertjes bij. Wapse had het direct door en ook Schele Japie keek alsof hij sneeuw zag kleuren van schaamte.
“Weet jij Wapse, wat die Harms aan “zijn fiets’ heeft bengelen?” Fluisterend had Wapse zich gericht tot de kastelein in de Gulle Gaper. “Weet je Wapse, ik geef hem van het huis maar een spraakwatertje. Let maar op joh, Harms heeft het blijkbaar zwaar.”


‘Zo Harms, wat goed dat je de Friese gronden opzoekt. De sneeuw op de Veluwe deed je zeker de das om?” Even blikte Harms wat wilderig van zich afkijkend, naar de oude maar beste kastelein. En ja hoor, ontdooien was ook voor Harms vaak een tweede gewoonte. Immers, blijven wroeten in eigen zwarigheden levert over het algemeen weinig dankbaarheid op. Dat had Harms wel geleerd in zijn leven. Sterker, Harms oefent zich dagelijks in het doorgronden van het begrip “dankbaarheid”. Die ouwe Paulus had het ooit eens verteld.
‘Ja Japie, soms is het leven niet eenvoudig. Maar ben echt wel blij met je koffiebak man.’ Dank. Zo, dacht Harms, die is er tenminste weer ‘uit”.

‘Japie, jonge jonge daar heb je Wapse. Kom er nu maar gewoon bij man. Wapse schuivelt, zelfs voor zijn doen, besmuikt aan de stamtafel en bij de geurende kop koffie die Japie op wonderlijke wijze als volleerd alchemist weer tevoorschijn tovert. ” Jij dacht, die Harms zit niet best in zijn velletje?! Nou jongen, daar heb je volkomen gelijk in. Ik voel mij nl. zwaar “bij de poot” genomen.”


Beide mannen keken heel verwondert op naar Harms. “Jij bij de poot genomen? Jij Harms, jij bent toch een schander heerschap?” De woorden rolden over Wapses gehemelte.
Er viel een indrukwekkende stilte. Vier paar ogen, zelfs die twee van Schele Japie, ze waren helemaal op Harms gericht.

“Ach vrienden”, Harms nam nog maar een een slok van de voortreffelijke bruinenbonensap, ‘ach vrienden, die reclame. Je weet wel. Altijd met gruwelijke schreeuwers. En als ik de kans krijg gooi ik die jammerdoos die tv heet, meteen uit in het geluid. Gek word ik van die schreeuwerige aankondigingen van zogenaamde fantastische films, programma’s en ook producten. Ik moest er eerlijk gezegd direct van naar de plé, maar goed, daar was wel aanleiding voor. Staat die tv-doos aan. Eerst al dat geschooi om je geld bij leven al in je testament aan te bieden aan die slimme graaiers. Daar kan ik je ook wel het nodige over vertellen. Maar dat laat ik dan nu maar even achter mij. Maar het woord “transitie” doet bij mij alle klimaatalarmen afgaan. Dat woord werd mij werkelijk een geestelijk alarm. Klimaatwappies, en soms echt wel terecht hoor, maar vrienden dat is een aparte discussie, maar toen kwam ie ineens voor mijn netvlies en de buisjes van Eustachius. ‘K Zou me helemaal…” . Harms wachtte. Voerde de spanning op, nam een slok, en dacht: oh dankbaar wat een lekker bakkie.


“Nou Harms wat dan?” Opnieuw werden de blikken als het ware naar Harms gezogen. “Nou, Harms kom op….”
“Ja mannen, een of ander vreetproduct of misschien zelfs wel een vorm van medicatieachtig verschijnsel moest worden aangeprezen in de reclame met het woord?” “Darmtransitie”. Man man, ik zou mij bescheuren. Kreeg spontaan buikpijn. Gewoon recht voor zijn raap: Poepen , dat woord moesten ze natuurlijk echt met klemtoon zeg ik dat, natuurlijk gebruiken. Dus reclame? Ik noem het gewoon “schijtzooi”.


Drie mannen gierden spontaan in de lach.


“Pas op Harms, ik loop leeg….”
“neem maar gewoon potje Norit joh!”

Nunspeet, 8 januari 2026