“Zo Japie, die koffie is heel best.  Jonge, die Harms, da’s toch een vreemde vogel, vind je niet? Dat ie pas hier kwam met die tas vol. Wilde hij ineens een mes.  Ik dacht dat ik gek werd. En hij keek me daar een partijtje chagerijnig.  Maar dan heeft ie ineens een Friese kruidenkoek in die tas zitten. Tegenwoordig weet je het maar nooit.”

Japie keek eens naar Wapse.  Tjonge wat is die vent toch scheel, dacht Wapse. Inmiddels drong de geurige aroma van de koffie ten volle door aan Wapse. Machtig, wat een heerlijk geurend bakkie kan die schele Japie toch zetten .  Toch eens achter zijn geheim aangaan, denkt Wapse.

Dan gaat de deur open en ja hoor, in vol ornaat stapt Harms binnen.