Gevonden?!

Zaken een beetje opruimen. Altijd geweldig. Wat vind ik veel!!!

Wat denkt u hiervan:

Wanneer ben ik tevreden?

Wanneer heb ik genoeg?

Wanneer leer ik eens rusten

van mijn eindeloos gezwoeg?

Wanneer kan ik aanvaarden

dat ik kostbaar ben, van waarde?

Gewoon, zoals ik ben.

Archief Gerard Maatje

Op dinsdag 16 februari j.l. heeft de streekarchivaris, de heer Rob Alkemade, het archief van de heer Gerard Maatje officieel in ontvangst genomen. Uiteraard stond ik er weer met mijn snuffert bovenop en heb dit maar even vastgelegd voor het nageslacht. Ik zal zeker nog eens nader op dat archief terug komen. Het bevat een grote hoeveelheid interessante aardigheden over Reeuwijk. Ook hier komt het verhaal van de dominee die achter de kar werd gespannen en zo, gesleurd en besmeurd werd afgevoerd naar Gouda,  in voor. Verder zijn er veel gegevens over de omgeving en de geschiedenis daarvan te vinden. Op de eerste foto de heer Gerard Maatje, trouw bezoeker van de studiezaal van het RHC Rijnstreek en Lopikerwaard. Op de tweede foto de beide heren in een gezellig onderonsje over het gewichtige pakket aan bewerkt archiefmateriaal.img_0128

img_0129

Noaberschap in Harmelen

Je zou kunnen denken dat “noaberschap” zou gelden in Twente. Achterhoek en Drente kennen het ook. Daar komt dat woord vandaan. Heb dit maar even opgezocht in Wikepedia met behulp van Puckepedia. Wie snel helderheid wil hebben kan natuurlijk gewoon op Wikepedia verder uitzoeken wat onder dit gebeuren wordt verstaan. In vreugde en verdriet en alles wat er tussen ligt. Ik volsta met deze verwijzing.

Ook Harmelen, Jawel HARMELEN, kende dat begrip in daad. Woord wat minder. Maar eigenlijk nog specifieker: Gerverscop.De gemeenteraad van Harmelen nam er echter, als voorloper van de huidige vormen van de maatschappij, door middel van een raadsbesluit AFSCHEID van. Gewoon stopgezet. Het is niet verwonderlijk. Als ik de raadsvoorstellen/besluiten van die tijd doorneem, blijkt de maatschappelijke verharding in vele facetten van de gemeentepolitiek toe te nemen. Verwijten die er niet om liegen. Vriendjespolitiek. Maar één die werkelijk aan de touwtjes trok, wethouders die als instemmings”vee” konden knikken tijdens besprekingen, ondanks allerlei adviezen lekker blijven doen wat ze zelf wilden etc. Als men een beeld van de maatschappelijke veranderingen wil krijgen dan is het raadzaam om die notulen van de jaren ’60 eens door te nemen. Dit kan bij het RHC Rijnstreek en Lopikerwaard. Gratis en voor nop met koffie toe.

Enfin zo kwam ik het volgende tegen:

Uit de notulen van de vergadering van de gemeenteraad van Harmelen dd. 30 december 1966 wordt het volgende opgetekend:

Agendapunt 5:

Intrekking verordening plichtbrandweer Gerverscop:

Burgemeester en wethouders stellen dd. 13 december 1966 voor te besluiten tot intrekking van de “Verordening op het brandwezen in de buurt Gerverscop der gemeente Harmelen” alsmede tot intrekking van het raadsbesluit d.d. 21 augustus 1924,  gewijzigd bij raadsbesluit d.d. 31 juli 1952, regelende de beloning van de plichtbrandweer.

De voorzitter wijst er vervolgens op, dat de plichtbrandweer voor Gerverscop een bijzonder oud instituut is, dat tot aan de oorlog voortreffelijk en serieus heeft gewerkt. De plicht is van geslacht op geslacht overgegaan en hij wil dan ook de Gervercopse-bewoners hartelijk danken voor het feit dat zij bij voorkomende branden steeds geheel belangeloos klaar hebben gestaan om zo snel mogelijk tot aktie over te gaan.

Zonder hoofdelijke stemming wordt het besluit met de hamerslag bekrachtigd. Weg is de plichtbrandweer. Weer een stap voorwaarts. Meegaand in de stroom van de “nieuwe orde” wordt het instituut “plichtbrandweer” als oud en –vermoedelijk achterhaald- fenomeen naar de prullenbak verwezen. Het noaberschap in Gerverscop is met een hamerslag om zeep geholpen. En nu maar lekker doorfuseren. Groot groter grootst. De laatste ontwikkelingen zijn nu in de Woerdense krantjes voorzien van weinig kommentaar. Voor kennisgeving wordt de opschaling van de brandweer weergegeven.

Maar ik sta even stil bij de tijd.

Een hamerslag. Hartelijk dank voor het belangeloos klaar staan. Weer een stukje “noaberschap” in de vorm van “plichtbrandweer” verdwenen. Voer voor sociologen. En historici.