Wijze vrouwen hebben we nodig. Vroeger hadden we in Harmelen wijze mannen, die dat ook wel door hadden. Nu hebben we mannen in Harmelen die willen weten wanneer wijze mannen in Harmelen aan het bewind waren en of we dat ook kunnen vinden. Nou, in de site van het rhc rijnstreek en lopikerwaard is al wel het een en het ander te vinden. We gaan gewoon op zoek. Kranten geven veel informatie en voor die informatie kunnen we ook al wel even snuffelen op de site. Een aanrader. Leuk voor de geschiedenis en ook om eens na te gaan hoe de prijsontwikkeling van huizen, en vele (huis)houdelijke artikelen zo in de loop der tijd is geweest.Verslaglegging van het besprokene in de gemeenteraad van diverse plaatsen is iets wat we aan de verslaggevers van toen ook zeker konden overlaten.Dus ook daar is al wel het nodige te vinden.
Categorie: Harms Pagina 44 van 71
Belevenissen van Harms en Wapse.
Wij hebben heel intelligente journalisten. Wordt er gevraagd: hoe is het nu mogelijk dat de Zweden gewonnen hebben van de Nederlanders? Waren ze beter?
Wat een intelligentie. Neen, die druipt er van af. Zou het niet zo zijn dat die Zweden iets meer doelpunten hebben gemaakt dan die Hollanders? Neen, dergelijke vragen moet je stellen aan een paar slimme mannen die voor zo’n antwoord nog centen vangen ook! Kijk, dat is slim
Een kennis van me schreef een heerlijk artikeltje over het “doe effe normaal man” gebeuren. Top vijf van zijn ergernis is volgens mij het gegeven dat hij als bijna bejaarde man nogal eens- onterecht natuurlijk- wordt aangesproken met “je, jij en jou”. ’t Is inderdaad soms van deze tijd. Dat tenen daarmee soms te ver zijn uitgeschoten onder de voeten van de ander is dan ook niet te voorkomen. Voorkomend is onze lieve jeugd niet- altijd. Maar ik vlij mij met de gedachte dat ze mij op het voetstuk der jeugdigen plaatsen als ik wordt aangesproken met “je”.
Kortom, hoe staan we in het leven? Dat we bijna niet meer normale omgangsvormen hebben, hebben we deels aan ons zelf te wijten. Ergerlijke waarheden zijn dit als we ons zelf die spiegel voorhouden. Schreeuwlelijken krijgen een platform op kosten van de belasting betaler! Dat is denk ik iets waarvan ik nu zeg: doe effe normaal man! De grootste schreeuwer uit het Noorden des lands heeft zo eens een de week de mogelijkheid om zijn top 5 van ergernissen luidkeels te verkondigen op het net. En krijgt daar vermoedelijk meer dan dik voor betaald. En inderdaad heeft hij rake typeringen, zeker ook als het gaat om het verkeerde taalgebruik door andere media. Voorlezers, verkondigers op het scherm, leden van het kabinet, kortom, wie in het vizier verschijnt van de schreeuwer uit het noorden, krijgt er van langs. Zo beland hij bij mij op de top van ergernissen. Doe eens normaal ( met die) man. Mijn ergernis is dat ik er nog naar kijk ook. En zo geef ik hem zijn platform.
Ik ga normaal doen. Als die weer op tv verschijnt dan? Draai ik de knop om.
Kijk, dit moet je als een echte Hagenees uitspreken. Klinkt daarmee meteen heel anders dan op zijn Veluws. Vroggur. Neen, dat eerste ligt beter in het gehoor. Hang naar nostalgie. Voor mijn part heimwee. Terugdenkend aan de tijd van ambtenaar met beleid. Nu, dit beleid is niet meer. Hulpje voor geslachtsonderzoekers, bouwdossiersvorsers en soms hulpje voor een hier of daar verdwaalde “historicus”. Waar slaat dit op? Huiverend en snakkend naar de geur van nostalgie. Smeltend op de tong van je geurgeheugen? Wat zit er toch onder de schedel van een mens, dat ie zo kan speuren in zijn grijze delen? Mijn eerste bloedende nagels van het werken voor een lapje stof voel ik bijna nog. Vroeger. Ja, zo moest je wat doen om aan een onderkomen te komen. Bloedende nagels, die ineens voor je geest opdoemen bij het denken aan de eerste tent, een Walker. Produkt van gezwoeg, pijn en doordrenkt met trots. Dat was ik. Zelf verdiend onderkomen.
Vervolgens doemen uit de bron van geheugen nog vele andere lapjesstof. Een een vouwwagen André Jamèt, een de Waard Junior, een Tourmalijn van Zwerkei,
opnieuw een De waard, Eidereend, een Bunzing een Otter, beiden van Randstad en al die andere kleine tentjes van Walk a Way tot en met een echt legercamoeflagetentje.
Enkelen zijn gesneuveld in het kampeerbestaan, sommigen zijn verkocht, maar mijn zolder kent nog steeds enkele mooie exemplaren. Dan zijn er die momenten van geloofsafval. En hoewel dat op velerlei gebied voorkomt en blijkbaar ook op velerlei gebied niet valt te voorkomen komt het voor dat een tentman verandert in een sleurhutbakaanbidder. Welnu, de Eriba Touring deed, voor even, zijn verwoestende geestelijke arbeid. Verkocht. Mijn vrouw. Neen, niet mijn vrouw verkocht, maar mijn vrouw was verkocht of zo men wil verknocht aan een caravansleurhutbakje. Maar ja, de Subaru, dat kleine rooie bakkie, deed ons bijna de das om. In ieder geval financieel. Aan de grond. Afgekeurd en dan ga je verder op zoek. Nu is de Kangoo een redelijk alternatief maar net zoals die “ partij- naam” al aangeeft, zijn dat geen inhoudsvolle zaken. Hoewel we ermee kunnen kamperen en het ook gedaan hebben, is het niet “inhoudsvol” genoeg. Op een of andere manier wordt de leefbaarheid teveel beperkt. Als die andere partij met die naam, noemen is teveel eer, aan de macht zou komen krijg ik zomaar een visioen van “ook sterke beperktheid”, maar dat terzijde. ’t Is dus niks voor het huis en voor de leefbaarheid. En zo kom je dan soms ineens weer terug bij af. Iets voor het huis, met leefbaarheid, flexibiliteit, wendbaarheid, verdraagzaamheid, trekbaarheid en net voldoende ruimte om te pitten met een beetje doekwerk van boven en er aanvast. Neen van al die andere gevaarte’s ga ik nu geen foto’s oplepelen. Het wordt een hele verzameling. Maar…… Grabbelend in de analen van de Poolse wetenschap en vertaalkunst daal ik verder af. Dwaal af van vroeger. Dwaal af van tenten. Het zijn kennelijk de krenten uit de pap van semiecaravan sec ex-tentkampeerders, waardoor de we uitkwamen bij een Predom Winner 126 E. Nou ja, de naam alleen al doet een mens in al zijn kampeeraderen sidderen. Pre is “voor” en Dom is bepaald niet achterlijk , maar het huis, dus alles voor het huis. Afkomstig uit de stal van huishoudelijke artikelen in Polen is dit kennelijk de verklaring van de naam. Nou, de naam Winner heb ik ook niet bedacht. Zo winnerstype ben ik eigenlijk niet, eerder zou dan gedacht kunnen worden aan de “verslagene” maar goed, mij ID-kaart van deze sleurbak voor het huis, het heeft echt alles in zich, om mee te kunnen trekken, geeft aan dat dit het type is. Is dus voor mijn vrouw. Met ere gewonnen. En stiekem ben ik er ook best wel echt gek van. Weer een gadget.
Maar meteen weer meer zorgen. Een onderstalling is nog nodig. En mijn vriend was het hele weekend niet bereikbaar. Zelf wilde ik eigenlijk naar Texel. Uitgesteld door deze ontwikkeling en wellicht in deze maand van verjaren van de oudste alsnog, hoop ik daar mijn rust te vieren. Mijn vriend was op Texel een zoon uitzwaaien. Zo gaat het in dit leven. Wij stiefelen van onderkomen tot onderkomen en nu maar hopen dat er wat valt te voorzien in een onderkomen.