De beslommeringen van een ligfietsende levensgenieter

Auteur: Sjaak de Stiefelaar Pagina 1 van 95

Elke dag een dagje ouder. Elke dag hoop ik een stukje wijzer te worden. En elke dag iets minder eigenwijs(zer).

Ou(w)erdom

Kijk eens aan die Harms. Weer op de fiets. Wapse en kastelein Schele Japie stonden samen in de opening van de gelagkamer van de Gulle Gaper als een waar ontvangst comité hun vriend van de woeste Veluwse gronden binnen te geleiden.
“Ach mien jong, wat aardig. Eerst maar een bakkie troost Harms? “ Nou dat liet Harms zich niet ontglippen. Altijd weer fijn om terug te zijn in het heitelán.
“Nou het ging als ik je gezicht zo zie niet al te best hè, Harms?”
“Nee, mannen, ik heb gevochten!”
De ogen van beide mannen rolden zowaar bijna uit hun kassen. Harms jij gevochten? Hoe dat zo?


Even pinkte Harms een traantje weg. Ach ja, t was gewoon de wind die in zijn ogen was gegaan. Maar de beide vrienden wisten dat natuurlijk niet.

“Welnu mijn beste, ik heb inderdaad gevochten. Tegen de ambtelijke windmolens. En weet je, het lijkt wel of die ook al echte windparken hebben aangelegd. Ik zal het jullie vertellen. “ De heerlijk geurende koffie van Schele Japie maakte dat er wat rustiger werd gereageerd. Met die Harms, ach, daar kon je soms wel om lachen. “Nou Harms, vertel, hoe heb je dat nu zo? “ Nou mannen, kijk ik ben niet meer de jongste. Maar wat ik nu meemaakte? Ik moet nu op mijn ouwe dag opnieuw mijn rijbewijs verlengen. Grote goeie glibberende ambtenaren nog aan toe. Mannen, wat een worsteling. En dat op je ouwe dag. Eerst moet je, zonder rijbewijs, let op zonder rijbewijs, je over de wondere wereld van de digitale snelweg worstelen naar een website met DigigiD. Dan kun je uiteindelijk een gezondheidsverklaring invullen. Na enkele weken krijg je bericht. Meneer, of u maar even, let op even!!!., een afspraak wil maken met een keuringsarts. Nou joh ik moest er zelfs voor twee. Maar goed. Dan koekeloeren waar en bij wie. Ach heden, dat denk je effe via de digitale snelweg, en met of zonder automaat, dat maakt niet uit, de afspraak te ritselen. Forget it.” “ Hé Harms, hou het wel op normaal Fries of Nederlands man, anders volgen we je niet” .” Nou voor uit mannen, je krijgt een bandje. Ik had ergens wat opgesnord. Blijf vooral aan de lijn, al onze medewerkers zijn in gesprek, er zijn meer dan 5 wachtenden voor u blijf vooral aan de lijn een ogenblik geduld als tu blieft. Wij proberen u zo spoedig mogelijk te woord te staan. Blijft u vooral aan de lijn. Nou is dat al zoiets’ aan de lijn blijven, net als een hondje dat uitgelaten wordt, in de Veluwe geldt nu eenmaal een aanlijn verbod, dat zal het zijn. Tegen loslopende wolven maar vooruit. Enfin, inmiddels is het “zo spoedig mogelijk te woord te staan, uitgedijd tot bijna vijf kwartier….,
Nou mannen, en nu maar wachten of ik ooit uitgelaten wordt. Er zijn nu nog 5 wachtenden voor u, een ogenblik geduld als u blieft. Ik heb een paar keer gezegd “een ogenblik mevrouw, ik begrijp dat het gesprek voor trainingsdoeleinden wordt opgenomen, nou mevrouw ik vind dat dit erg onklantvriendelijk is.! Wat jou Japie? Als ik jouw om een kopje bruinenbonensap sap vraag , staat het echt wel binnen een paar minuutjes op de tafel. Kortom mannen, ik kan hele verhalen vertellen maar al de medewerkers zijn in gesprek. Wat wordt er gesprekt….
Weet je mannen, mocht het gelukt zijn dan zal ik mij wel weer melden. Of dat nou een week duurt of twee dat weet ik niet. Maar gelukkig is mijn bewijs om te rijden nog even geldig. Ben inmiddels zeer ervaren in het omgaan met ambtelijke digitaal verkeer. Echt waar het is nog veel beroerder dan toen ik zelf ooit in de beginjaren 70 van de vorige eeuw een rijbewijsaanvraag moest behandelen. Ik weet het zeker, ze waren bij mij snel geholpen. Weet je Japie, gooi er maar wat lekkers in het glas, neem er zelf ook een en vooruit omdat ik het wachten zo snel zat ben zou ik mij willen bezatten, maar uiteraard doen ik dat niet omdat ik straks nog moet rijden, geef je Wapse er ook maar een. En dus voor mijn rekening.

Nog steeds lummelend zat ik aan het telefoongebeuren verbonden. Het verhaal is al tien keer gecorrigeerd, en de medewerkers? Ik moet ze nog steeds spreken.
Wat een wonderlijke wrede digitale wereld.
Elk gesprek wordt opgenomen voor trainingsdoeleinden. Om je te bescheuren van het lachen. Heb je geen rijbewijs voor nodig en ik weet zeker, als jullie er goed over nadenken, dan vlieg je de bocht uit.
Echt mannen, ik geloof er geen barst van. Gelu…. sorry maar er zijn nog steeds 4 wachtenden voor u. En ik voorzie dat ik nu, na inmiddels bijna 5 kwartier, dat het om 17.00 uur wel zo zal zijn dat “ons kantoor is gesloten, probeert u het in de kantoor uren morgen maar weer….’ Zoiets.
Weet je hoe ik het noem? Traineringsdoeleinden voor het beoefenen van rijvaardigheid, neen, voor geduld. Het is een trainerinsginstituut voor ouwtjes. Beter: ouwtjes pesterij.
Allemesjokkeraars nog aan toe. Ik word oud…

Grrr. Dit verhaal begon ik om 15.45 uur en is af om 17.00 uur en nog steeds zijn er 2 wachtende voor mij……

Nunspeet, 13 januari 2026

Gieren.


Vandaag zit Harms er sombertjes bij. Wapse had het direct door en ook Schele Japie keek alsof hij sneeuw zag kleuren van schaamte.
“Weet jij Wapse, wat die Harms aan “zijn fiets’ heeft bengelen?” Fluisterend had Wapse zich gericht tot de kastelein in de Gulle Gaper. “Weet je Wapse, ik geef hem van het huis maar een spraakwatertje. Let maar op joh, Harms heeft het blijkbaar zwaar.”


‘Zo Harms, wat goed dat je de Friese gronden opzoekt. De sneeuw op de Veluwe deed je zeker de das om?” Even blikte Harms wat wilderig van zich afkijkend, naar de oude maar beste kastelein. En ja hoor, ontdooien was ook voor Harms vaak een tweede gewoonte. Immers, blijven wroeten in eigen zwarigheden levert over het algemeen weinig dankbaarheid op. Dat had Harms wel geleerd in zijn leven. Sterker, Harms oefent zich dagelijks in het doorgronden van het begrip “dankbaarheid”. Die ouwe Paulus had het ooit eens verteld.
‘Ja Japie, soms is het leven niet eenvoudig. Maar ben echt wel blij met je koffiebak man.’ Dank. Zo, dacht Harms, die is er tenminste weer ‘uit”.

‘Japie, jonge jonge daar heb je Wapse. Kom er nu maar gewoon bij man. Wapse schuivelt, zelfs voor zijn doen, besmuikt aan de stamtafel en bij de geurende kop koffie die Japie op wonderlijke wijze als volleerd alchemist weer tevoorschijn tovert. ” Jij dacht, die Harms zit niet best in zijn velletje?! Nou jongen, daar heb je volkomen gelijk in. Ik voel mij nl. zwaar “bij de poot” genomen.”


Beide mannen keken heel verwondert op naar Harms. “Jij bij de poot genomen? Jij Harms, jij bent toch een schander heerschap?” De woorden rolden over Wapses gehemelte.
Er viel een indrukwekkende stilte. Vier paar ogen, zelfs die twee van Schele Japie, ze waren helemaal op Harms gericht.

“Ach vrienden”, Harms nam nog maar een een slok van de voortreffelijke bruinenbonensap, ‘ach vrienden, die reclame. Je weet wel. Altijd met gruwelijke schreeuwers. En als ik de kans krijg gooi ik die jammerdoos die tv heet, meteen uit in het geluid. Gek word ik van die schreeuwerige aankondigingen van zogenaamde fantastische films, programma’s en ook producten. Ik moest er eerlijk gezegd direct van naar de plé, maar goed, daar was wel aanleiding voor. Staat die tv-doos aan. Eerst al dat geschooi om je geld bij leven al in je testament aan te bieden aan die slimme graaiers. Daar kan ik je ook wel het nodige over vertellen. Maar dat laat ik dan nu maar even achter mij. Maar het woord “transitie” doet bij mij alle klimaatalarmen afgaan. Dat woord werd mij werkelijk een geestelijk alarm. Klimaatwappies, en soms echt wel terecht hoor, maar vrienden dat is een aparte discussie, maar toen kwam ie ineens voor mijn netvlies en de buisjes van Eustachius. ‘K Zou me helemaal…” . Harms wachtte. Voerde de spanning op, nam een slok, en dacht: oh dankbaar wat een lekker bakkie.


“Nou Harms wat dan?” Opnieuw werden de blikken als het ware naar Harms gezogen. “Nou, Harms kom op….”
“Ja mannen, een of ander vreetproduct of misschien zelfs wel een vorm van medicatieachtig verschijnsel moest worden aangeprezen in de reclame met het woord?” “Darmtransitie”. Man man, ik zou mij bescheuren. Kreeg spontaan buikpijn. Gewoon recht voor zijn raap: Poepen , dat woord moesten ze natuurlijk echt met klemtoon zeg ik dat, natuurlijk gebruiken. Dus reclame? Ik noem het gewoon “schijtzooi”.


Drie mannen gierden spontaan in de lach.


“Pas op Harms, ik loop leeg….”
“neem maar gewoon potje Norit joh!”

Nunspeet, 8 januari 2026

Niveau


“’t Zal toch niet? Is dat Harms? Lokkich nijjier” mompelend in zichzelf schoot het linker oog van Schele Japie, de oude kastelein van de Gulle Gaper aan de Goddeloze Singel in de Friese Wouden naar rechts om goed te zien. “Warempel, als dat Harms niet is. Wat moet die ouwe stukjesschrijver nu weer in het barre Noorden?” Japie sprak zichzelf al moed toe. Meteen werden de bruine bonen vermalen. Die Harms, die lustte ze wel. En mompelend over zo’n bezoek op zo’n barre dag, voor Japie was het een welkome afwisseling. De sneeuw lag nog dik een centimeter of 20 boven de aardkloot. De dooie takken van de bomen priemden als ware pentekeningen tegen het firmament en dan, waarachtig waar, was daar die vent uit de Veluwse gronden in het heitelán.


“Dag Harms, wat fijn dat jij er bent man. Lokkich nijjier in protte sûnens en segen man. ’t Is hier zo verrekte stil, een bezoekje van jou is meer dan een borrel waard.”

Harms keek op naar zijn oude vriend. Hij schudde de pak sneeuw van zijn hoed, drapeerde de hoorapparaten maar in zijn geluidsholletjes en, nadat hij hoed en jas op de kapstok had gekieperd ontwaakte hij uit zijn bevroren staat.

“Ja Japie, ik vond, ik kan je niet helemaal alleen laten verPieteren. Dat begrijp je.” Even keek Japie hem met beide ogen aan. Die Harms toch, mooi meelevend. “Bakkie Harms?” Nou het was niet tegen dovemans oren gezegd. Harms moest er ook om grinniken. Hij, doof als een spreekwoordelijke kwartel, had die vraag al in zijn oren geknoopt. En een bak bruine bonensap van Japie, nee die sloeg hij nooit af.


“Maar Japie, zag ik het nu goed? Ja, horen doe ik het niet, maar stond jij nu in jezelf te oreren?” “Ach, Harms, een mens moet wat. Inderdaad, ik raak op leeftijd en het viel mij zelfs een tijdje geleden op dat ik soms, ik zeg wel nadrukkelijk soms hoor Harms, dat ik in mijzelf praat.”


Niet veel later stond de dampende bak bruinebonensap op de tafel. Beide mannen hadden zo hun eigen stek in deze gelagkamer en omdat er toch verder niemand was, konden de beide mannen gezellig keuvelen terwijl de dampen door het kleine kroegje een smaakvolle bijeenkomst garandeerden.

“Weet je Japie, je hoeft je daar niet voor te schamen hoor. Mijn moeder sprak bijvoorbeeld altijd met de hond als ze aan het koken was. En wis en zeker, dat beestje begreep het als de beste. Vooral als er wel eens een stukje kip of spek per ongeluk moedwillig op de grond kieperde. Ik zie het dier nog smachtensvol naar haar opkijken. En toen ik er iets van zei kreeg ik te horen dat er een of andere vroegere heilige ook altijd al met beesten sprak. ’t Was, aldus mijn moeder niet erg. En nu? Japie, ik geloof dat het geen teken is van dementie. Al willen ze tegenwoordig overal een etiket op plakken.”
“Weet je Harms, volgens mij moet de eerste mens ook met zijn beesten gesproken hebben, hij gaf ze allemaal namen!”
Verwondert keek Harms op naar de vrijgevochten en in zijn ogen,heidense, Friese kroegboer. Maar wel een fijne. Zo, dacht Harms, die kent de schriften. Het deed hem wonderbaarlijk goed.
“Zeg Japie, weet je, ik had vroeger ooit een waardige collega. Hij mopperde wel vaak dat de gesprekken tijdens het gezamenlijke koffiedrinken, van beduidend laag niveau waren. Hij vond het maar niks en om met zijn woorden te spreken “waardeloos”. Enfin, Japie, ik ben een kind van mijn moeder. En ik stond in mijn werkgedeelte en was in mijzelf aan het oreren. Best heel aangenaam en hoe meer ik mij op mijn gemak voel, hoe meer ik met mijzelf in gesprek ga. Enfin, hij kwam plotseling binnen en hoorde mij met mijzelf aan het delibereren.”
‘Hij vroeg mij of ik aan het dementeren was”.
“Nu Harms, dat is toch niet zo heel erg? Ieder mens spreekt toch zoals hij “gebekt” is?”
Even roerde Harms zijn voortreffelijke bak koffie. En het echt stuk Fries suikerbrood, het was zo overduidelijk aantrekkelijk, dat zelfs Harms, ondanks het verbod van alle doktoren en andere wijze mensen, zich niet aan dat verrukkelijke deel van moeder aarde kon onttrekken.
“Weet je Japie, zo begon Harms, weet je, over gebekt zijn gesproken. Die beste man, die zelf veelvuldig maar één woord in zijn mond had, waardeloos, die stond vervolgens mooi met “de bek vol tanden”. Vergeef mij dat ik het zo uitdruk, maar zo kwam het bij mij over als jij zegt “ieder mens spreek zoals hij of zij “gebekt” is.
“Hoe bedoel je dat nu weer Harms, ik kan je niet helemaal volgen. “
“Welnu Japie, toen hij vroeg of ik dement aan het worden was door met mijzelf te spreken heb ik geantwoord: welnu beste vriend, jij hebt een gebrek. Het gebrek van spreekmakkers op niveau: welnu, hier spreek ik met een mens van niveau. “
“Nou Japie, die stond letterlijk even met de “bek vol tanden”.
Grijnzend namen beide mannen nog maar eens een slok van het heerlijke bruinenbonesap. ” Op it nije jier, Harms.” Zeker Japie. Op it nije jier”.


Genoeglijk werd het samenzijn weer, bijna ouderwets , uh op niveau, dacht Harms.


Nunspeet, 6 januari 2026

Dat was het dan (2025)


“Kijk er eens aan. Harms! Welkom in de Friese contreien man.” Het gezicht van kastelein Schele Japie schoot van donderwolk naar zonnewolk. Beide mannen begroetten elkaar hartelijk. “Wat een verrassing, Harms, wat fijn. Komaan, meteen maar een bakkie bruinebonensap zo denk ik?” “ Ja Japie, een bakkie troost is zeker op zijn plaats.” Harms zuchtte.” Wat een wereld, Japie, wat een wereld. Nog steeds niks geleerd van de geschiedenis.” “ Wat bedoel je?” “ Wel, Japie, ze sjezen weer de hele wereld rond. Maken “afspraken” over vrede. Zelfs bij ‘Het mes op tafel” Japie wisten de super slimmeriken niets van Chamberlain. Niks geleerd van de geschiedenis. De wereldleiders of wat daar voor doorgaat, ook niks geleerd van hetgeen leidde tot wereldoorlog twee. Er zijn er bij die eigenlijk helemaal geen vrede willen. En de arme drommels die naar het front worden gestuurd, ja ja, die mogen alleen terug in een lijkenzak. Kisten zijn immers te duur.”
“Nou Harms, je bent best wel somber gestemd. Hoe heb je dat nou? “
“Ach Japie, de mensen zijn knots. Ze lopen achter schreeuwers aan, die ze uiteindelijk ter meerdere glorie van zichzelf, lopen te brullen dat ze de wereld zullen verbeteren. Oorlogen zullen stoppen etc. Nou, of je nou Ping of Pang of Pingpang heet of Poetin, Trump, Macron of weet ik wie, ze zijn allemaal uit op eigenbelang. En het liefst de Nobelprijs voor de Vrede. Ik ben er meer dan misselijk van. Alleen die koffie van jou, Japie werkelijk, die is super.
Komt die uit het noodpakket? “


“Wat Harms, neem mij niet bij de poot man. Ik ben opgegroeid direct na de oorlog en thuis hadden wij altijd alles extra op voorraad. Zo gek is het dus nu, dat wij daartoe opnieuw worden opgeroepen. En eerlijk waar, ’t was soms best wel huiveringwekkend, die tijd. En ja, het begint weer aardig die kant op te gaan. De Cubacrises. Die zit wat dat betreft nog best in mijn memorie.” Even keek Harms naar zijn beste kastelein. “Ja Japie, ’t is wat. En weet je? Ik wil niet te veel meer naar die tv-bak kijken. Je wordt er zeker zo aan het eind van het jaar knap ellendig van. Zelfs Japie, een herdenkingstocht voor een dooie wolf. ’t Moet echt niet gekker worden. En die dooie schaapjes? Die boer met zijn verdriet? Die stumpers die niet meer vrij naar hun schooltje durven fietsen? Nee, we gaan herdenken hoe die wolf werd omgebracht. Breek mij de spreekwoordelijk bek niet open. En maar jammeren en klagen op die vreselijke overheid. Nou ja, met veel politici heb ik het ook niet erg best zitten hoor. Wat dacht je van die arme Groningers? Ze blijven beven en hoe?, dat kun je wel invullen. Ach en wee, oh wat zielig, oh ik kom volgend jaar weer kijken hoor, maar ondertussen janken we om allerlei pietluttigheden, vechten elkaar de tent uit, maken elkaar af met woorden gaan lekker nog eens een kerkscheiding teweeg brengen, gaan een -echt Japie, een hele nieuwe en dure kerk neerzetten waar ik geboren ben want ik kan niet onder één dak met andere geloofsgenoten etc. Te triest voor woorden en daarom stop ik met het gejammer.
Er was gelukkig nog veel goed. En op een van de laatste zondagen hoorden ik een dominee zeggen dat zelfs Jezus een BSN nummer had. Dat was hoopvol, dat was troostvol. Kom Japie doe nog maar eens in en let op ik betaal mijn eigen vertering hoor. Kleine ondernemers hebben het begreep ik dit achterliggende jaar ook al zwaar gehad.” Japie knikte. Dankbaar voor zoveel empathie. “Harms, toch ben ik hartstikke blij dat je even in ons mooi heitelán bent aanbeland. Wapse zei pas nog “Harms die zie je ook niet meer. Maar wat zei jij nu? Heeft Jezus een BSN nummer? Negen cijfers?”
“Ja Japie, met die boodschap stuurde de eerwaarde heer ons naar huis. Best troostvol moet ik zeggen. Kun je het nieuwe jaar mee beginnen. Met Borsje uit Wierden kun je de borst nat maken. Die zouden ze bij ons best kunnen beroepen. Maar ja, ik zit niet in de commissie, vooruit maar. ’t Was de overdenking meer dan waard, zeker om op te gaan naar 2026.
Hij vertelde dat Jezus een BSN nummer heeft gekregen maar net even iets anders dan wij. Ik vond het wel knap gevonden.” “Oh, maar wat voor nummer was dat dan Harms?” Nou eigenlijk onze negen nummers (kijk het maar na) moet je voor letters invullen. En BSN is niet minder dan: B=betekenis, S= is samenhang (zoiets als stamboomonderzoek) en N= welke nut het was dat Hij er is gekomen.
“Ja maar Harms, negen nummers maar dan net anders?” “Ja Japie, en dat vond ik echt wel mooi gevonden hoor, om zo het oude jaar uit en het nieuwe in te gaan. Maar laten wij daar dan ook maar eens een mooi glas op heffen en dat is zeker niet profaan bedoelt Japie, maar die negen cijfers moet je alleen anders invullen. Met letters.” Japie zweeg. “Man man, je lijkt Simson wel met je moeilijke vragen.” “ Ach Japie, dan kun jij als Grutte Pier misschien nog wel eens een kinnebakslag uithalen.” Japie moest er van grinniken maar de vraag bleef tollen in zijn hoofd. “Negen nummers negen letters.. nee Harms, dat trek ik niet.”
“Wel Japie, hij, die Borsje vulde het wel in. En ik moest er ook best over nadenken. Tel maar na: m i d d e la a r.
“Japie, vriend doe mij jou rekening. Zodat ik die kan voldoen.”


Japie zuchtte “daar Harms moet ik wel even over nadenken”.


“We gaan, Harms, het jaar uit. De boodschap is eigenlijk best wel helder. Maar die moet bezinken, net als een echte BB’er. En dus Harms: neem er één voor dit jaar van mij dan, een hele echte BB’er en nee geen BBB ‘ er (die,Harms, dat weet jij vast wel die zijn uitgepoept…) “ Japie moest om zijn eigen gevatheid wel even grijzen.” Harms keek hem vergenoegd aan. “Ja man, da’s mooi gezegd. Geen geliberaliseerde drijfmest.”


“Ja Harms, dat zeg ik proost, uh, ik bedoel ‘troost”.


“We drijven nu het jaar 2025 uit.”

Nadat de glaasjes waren geleegd omarmden de beide vrienden elkaar en wensten elkaar gezondheid vrede en goedheid toe.


Nunspeet, 31 december 2025

Pagina 1 van 95

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén