Pieter Hoeksma

De beslommeringen van een ligfietsende levensgenieter

Verkiezingen.

“Goede morgen, mannen” . “Zo Harms, dat is vroeg. Maar dank, insgelijks” . “Ja mannen, vandaag is de dag van de democratie. Verkiezingen, je weet wel. Dat ga je toch niet voorbij laten gaan”  verbaasd keek Wapse naar zijn vriend Harms. “Nou, Harms, dat zooitje in Den Haag verdient toch geen stem? Heb het deze weken wel veelvuldig gehoord. De hypocrisie denderde door onze huiskamers. Om U te dienen. En wat een beloftes, man man, of er geen enkel schuldbesef is overgebleven na al die rottigheden die ze uitgehaald hebben” . Wapse, vloog werkelijk meteen op de vroege ochtend al in vuur en vlam. Dat gaat lekker, dacht Harms. Mooi, die is in ieder geval wel geïnteresseerd in de hele handel. Japie deed verstandig. Menig kastelein of hoe ze ook heten tegenwoordig, en zeker de kleinere ondernemers die natuurlijk altijd al “gepakt” werden door het Haags gepeupel, deed er het zwijgen toe.

Harms overzag het slagveld van zijn simpele begroeting op deze vroege verkiezingsdag. “Wel Wapse, gisteren de debatcultuur nog weer bewondert? Ik wel in ieder geval. Niet dat het veel bijdraagt aan de keuze die ik maak hoor, maar ach man, eerlijk is eerlijk, die Bonteman die gaf die wijsneus uit Twente toch effe mooi lik op stuk door zijn eenvoud en oprechtheid “die zag ik even niet aankomen!” Hoe heerlijk naïef en toch ook hoe oprecht. Ik was best wel even van het fatsoen van die Rotterdamse knakker onder de indruk. Geen scheldpartij maar netjes en beschaafd die wijsneus uit Twente even onder handen nemen. Ik wilde dat ik meer hokjes zou mogen roodkleuren. Rood zal ik stemmen, dat mag wel duidelijk zijn”. Verbaasd over zoveel openheid bij Harms keek Wapse naar Japie. Maar Schele Japie was werkelijk scheel. Zolang de omzet maar omhoog ging vond Japie het best. Ondernemer ben je en blijf je, al mocht hij deze wonderlijke types op ’s Heeren aardkloot eigenlijk wel. Die Wapse was er eentje met vuur. Die Harms was een twijfelachtig heerschap. Ooit in zijn leven begonnen als ambtenaartje, maar nooit laten zien waar die de echte keuzes maakte. Je kon het raden maar ’t bleef raden. Ja Japie kende zijn pappenheimers wat dat betreft.

“Nou Wapse, die rechtse directe die hij op een zeer beschaafde manier uitdeelde over “jij zat er dik 20 jaar bij, en ik pas 2, die vond ik wel terecht. Natuurlijk is die man uit Twente zwaar gepiepeld door zijn ouwe club en natuurlijk was de sneer “ ïk ben er niet meer bij” , eentje die terecht was. Maar toch.

Consistent uitdragen van je mening, gevoelens , normen en waarden Wapse. Daar ga ik voor. En zeker, als zwevend fenomeen op twee benen erken ik de werkelijkheid van het politieke moddervechten . Soms zat ik er dicht op. Al was dat in het klein. Ik weet wel hoe de waarheid wordt ingeruild voor “geen actieve herinnering”  nee, en “ook ik ga niet meer met die of die in…”en dan een paar dagen later alsnog aan tafel? Dat is nu politiek. Je moet er van houden zeg ik maar. Als je echt bijbels onderwijs wil hebben, zoals ik heb “genoten” dan weet je dat een mens geneigd is tot alle kwaad en als je dan niet overtuigd bent door die stelling,  kijk dan eens naar dit politiek gewauwel. Wij willen vooruit en zeker niet omkijken. ’t Zal je gebeuren dat je verantwoording moet afleggen… man man, ze willen allemaal vertrouwen maar ze geven als Sinterklaas fantastische veel goed bedoelde hoor, beloften die door “de ander naar de schroothoop van werkelijkheid” worden gegeven. Het ligt nooit  aan hen, maar ze willen wel en vooral “dienen”. Nou ik zal niet al te negatief doen Wapse, maar ik ken die gasten. Volkomen Verdwaasde Drammerij. Niet aan beginnen man, al moet ik ook zeggen dat die man die ze van Jetje geeft het in de campagne netjes doet. Ik vind hem beter dan het wonder uit Brussel. En ik geloof ook niet dat die onze aardkloot zal redden van het klimaatprobleem want dan houdt geen burger nog een cent in de portemonnee. Dus ja, Japie, geef maar, al dan niet met 9 of 21 % toegevoegde waarde en belast met suiker taks, een bak bruine bonensap. Misschien mag je het niet meer zeggen joh, maar het Zwarte Pieten is begonnen voordat er een stem is ingevuld. Die Zwarte Piet zal er dus nog jaren inblijven.  (Sorry Piet, ik kan het niet helpen, je zult overigens tegenwoordig maar Piet heten, maar laat maar) . Want de dames en heren bakken ze vandaag de dag wel erg bruin. Ik ga geloof ik,  gewoon op een paar van die mannen en vrouwen stemmen, dan heb ik tenminste mijn plicht gedaan. “

Verbaasd keek Wapse naar Harms. “Meerdere stemmen uitbrengen? Man je bent gek, dan gaat je stem verloren”.  Ontzetting greep Wapse bij de keel. Hij begon er van te stotteren. “Stem dan in ieder geval op de dieren joh, die hebben geen stemrecht maar worden vergast of opgevreten door de wolf. Wapse was volkomen in extase. “ Ik zal het overwegen Wapse, mijn stem geven aan de beesten. Want je hebt ook al types die grof taalgebruik mooi vinden, die niet netjes in de mond zijn en zeggen “als er zo geluld wordt, dan….”je kent ze wel. Past niet bij een dienaar en in dit geval dienares. Maar ja, dat is wel “het volk vertegenwoordigen”. Het is niet eenvoudig. Misschien moet ik toch maar blijven zweven. Kan ik kijken of ik op de maan beland, oh jah daar was er eentje die denk ik in Sinterklaas of Zwarte P. gelooft. Nou, laat maar, ik ga  zo toch maar kleuren. Den Haag kan dit niet eens digitaal regelen terwijl wij doodgegooid worden met Digidee. Kelere wat een wereld.”

“Japie, je koffie is voortreffelijk. Consistent uitgevoerd. Stel je verkiesbaar de volgende keer man.  Misschien is dat toch wel de weg die moet worden bewandeld.” “ Wat stem je nou dan, Harms?”

Er viel even een korte stilte terwijl de werkelijk voortreffelijke koffie door het keelgat van Harms gleed. “Ach, weet je Wapse, het is om U te dienen. We hebben nog steeds een (stem)ophokplicht vind ik. Die ik consistent uitdraag, maar gekakel en bij de beesten af is het soms, ik krijg het er koud van maar dat komt vermoedelijk door de klimaatverandering al zou je dan moeten zeggen, je krijgt het er warm van. Links om of rechtsom, ik denk er aan  om asiel aan te vragen, bij wie ben ik dan het beste onder dak? Misschien moet ik mij electrisch laten brengen bij het stemhok, dan krijg ik bulten subsidie maar ja,  gooi je al die stront over de akker dan zit ik bij die boeren misschien er ook nog wel goed bij. Onthoud een ding: er is nog steeds stemgeheim en dus ga ik je dat mooi niet vertellen. Ik laat het nu in het midden, zoeken jullie het maar uit, vanavond zul je het weten. En nu? Gegroet, ik ga mijn stem uitbrengen en dat kan ik wel verklappen:  ik stem rood.”

Harms stond op, potlood in de aanslag om de zwevende ellende achter zich  te laten in het café van de Gulle Gaper. Of daar ook nog een Coronabelastingschuld op lag? Studieschuld in ieder geval niet.

Verbouwereerd keek Wapse naar Japie. “Die Harms toch, wonderlijke kiezer hoor” mompelde hij. Japie knikte. Als verloren stemvee kropen ze beiden maar aan de voederbak van de tap. Geen “pisbakkenakkoord” zei Japie. “Wat zeg je nu?”  Wapse was vertwijfeld.  “Ik ga maar niet meer stemmen Japie. Want deze akkoorden, ik weet het echt niet.” “ Dat Wapse, is democratie. Reken jij af?” En zo was Wapse, net als de vele kiezers, kind van de rekening.

Schaamte

“Kijk, Japie, daar is Harms ook.” Niet veel later schiet de deur van het kleine café de Gulle Gaper open en wordt de ruimte gevuld met de aanwezigheid van Harms. Zijn witte baard steekt heftig door de wind opgestreken,  in de hoogte. “Môgge mannen, môgge. Doe maar koffie.”

 “Zo, die is knap aangebrand lijkt het wel. Tjonge, ’t lijkt wel of die ook een dagje ouder en witter wordt”  mompelde Wapse. Met een schuin oog hield hij de bewegingen van Harms in de gaten. Zwijgend nam Harms plaats. “Druk met de komende verkiezingen Harms?”

Wapse wilde natuurlijk weer het naadje van de kous weten. Maar Harms was niet on speaking terms. Dat zag hij zo wel. Zonder iets te zeggen lurkte Harms aan zijn bakkie troost. “Wat is’t Harms? “

“Ach,ach, Wapse. ’t Leven. Ik ben mij vanmorgen werkelijk te pletter geschrokken”. “Zo erg?”  “Ja man, de schaamte drupt nu van mijn lijf en leden. Ik weet niet hoe ik moet kijken in de gebeurtenissen van deze wereld. De wereld staat op zijn kop. Ik sta op mijn kop, nou ja bijna dan, en dan kom ik tot een gruwelijke ontdekking. Ik weet niet of er enige vorm van rechtvaardiging bestaat. Ik kan wel als een mol onder de grond kruipen. Ben bang dat ik dan nog de grond doe kleuren van schaamte op mijn kaken. Kom Japie,  douw er maar wat bruins bij want ik kan ze blijkbaar wel erg bruin bakken. Eindelijk mannen, sloeg ik eens mijn digitale verbintenissen met deze wrede wereld open. Eindelijk bekeek ik eens wat er via die digitale weergave was gebeurd. Eindelijk zou ik een oud collega van de nodige hiep hiep hoera’tjes gaan verrassen. En weet je wat blijkt? Alle contacten zijn verbroken. Man man,  wat een waardeloze en nare zaak. Want nu blijkt, ik schaam mij diep diep diep, dat ik mijn oud collega zijn dag van baarmoederlijke uitdrijving heb gemist met mijn felicitatie”.

’t Werd heel stil in de gelagkamer.  Zachtjes zet Japie een bakje bruine bonensap voor de vertwijfelde Harms. Nog net geen snik, maar ja als je ook meer dan 11 jaar ouder bent dan zijn jonge oud collega,  en inhalen doe je zoiets nu eenmaal niet, ja daar moest Harms blijkbaar wel een traantje voor wegpinken. Dat hij die dag was vergeten, hij kon wel door de grond zakken.

” ’t Zit je niet mee Harms” zei Japie. Ik kan mij voorstellen dat je dat heel vervelend vind. Stond het dan niet in je agenda?” Harms schut nu vertwijfeld zijn hoofd. Altijd bij de tijd. Maar nu blijkbaar niet. “Ach Japie, kijk ik kan mij van alles en nog wat voor de geest van herinneringen trekken. Dit moest ik, dat deed ik, die afspraken waren er, de computer is even aangepast, het zijn  Japie,  als het erop aankomt allemaal smoesjes.  Schaamte Japie,  dat is wat overblijft. Zestig jaar en je dan verdikkie gewoon door de tijd laten inhalen. Geen aandacht. Schaamte Japie, diepe schaamte.  Een mens vergeten te feliciteren met de mijlpaal van zijn leven. Van 59 naar 60 Japie. Dat is een hele hele stap. En kom mij niet aan met het verhaal dat “hij zijn verjaardag toch nooit vierde”. Voor hem was het een hele drempel over. Op naar deeltijd pensioen en zo. Hoe kan ik dat ooit goed maken?”

De drie mannen zwegen. En misschien paste dat wel bij dit moment. Ontwricht door eigen sores en vergeten de zegeningen van één dag op het juiste moment te vieren.

Harms vermande zich. “Hoewel ik geen eens een woonadres heb, heb ik het digitale netwerk tot mijn beschikking mannen. We nemen er nu eentje op de zestig, vooruit en zeggen alsnog “Hiep Hiep Hoera”. 

En ja zo werd op die late oktoberdag waar ook nog een andere  oud collega, maar waar Harms al helemaal geen contactgegevens meer van heeft en die haar geboortedag altijd op Hervormingsdag viert, al ’s morgens vroeg in de olie gezet.

Gedenkwaardag. ‘Op jullie beider verjaardag dan maar! Proost. Wordt maar Hervormd in Uw denken”, mompelde Harms, terwijl hij snel met zijn zakdoek een traantje wegpinkte en zijn glas leeg kieperde.

Nunspeet, 31 oktober 2023

Harms is opstandig

“Gut, Japie, kijk, zijn ogen gleden door de gelagkamer en vervolgens naar buiten . Nou kostte het  Japie best wel enige moeite om te kijken waar Harms was. ” Ah, ja, ik zie hem.”

Niet veel later schoof Harms naar binnen. Woest krabbend aan zijn baard kieperde hij zijn hoed als een volleerde de Cock met See oh See Kaa op de uitgestoken handgrepen aan de kapstok. “Mogge, mannen”, bromde Harms, doe mij maar eens een sapje van de bonen Japie. want ik ben gewoon boven mijn theewater”.

Vervolgens nam Harms zwijgend plaats aan de vertrouwde stamtafel van het kleine café de Gulle Gaper.

Wapse keek eens met een schuin oog naar Harms en naar Schele Japie. Wonderlijk genoeg zei hij helemaal niks. En Harms kreeg al door dat de heren hem zaten te observeren.  Het aroma van de bruinebonensap werkte aanstekelijk op Harms gemoed. “ Tjonge Japie, wat kun je dat toch man. Heerlijk, net wat ik nodig heb”. “Hoezo”, vroeg nu Wapse die natuurlijk brandde van nieuwsgierigheid. Ik, ik ben verdorie gewoon pislink. Wat een volk. Wat een volk Wapse. Dat het niet al te snugger is, ja, daar ben ik mij van bewust, maar dit? ’t Is bij de beesten af. Dat zeg ik.” Harms keek zwaar verongelijkt en roerde bijna de bodem uit zijn kopje koffie. “Doe mij maar een Suikerbrood van Friese kwaliteit Japie, want ik ben ongezouten waar, pislink.”  De beide mannen keken verbaasd naar zo’n uitbarstende Harms. “Maar man, wat scheelt er aan? Kom , zei Japie, hier neem eens een echte Beereburger Harms, misschien is die opkikker echt wat je nodig hebt”. Kikker”  spoot Harms, “WEER EEN BEEST? Wat denk je wel? Behoor  jij ook bij die stumpers van dierenknuffelaars Japie?

Weet je, asielzoekers zijn tegenwoordig speelbal op het politieke voetbalveld. Mensen? Inzet van onderhandelingen,  hum, t mocht wat. ’t Mag wat kosten ook. Maar ja hoor, we zetten gewoon een hek eromheen. Flikker maar op met die lui, lekker buiten laten pitten en oh zo moeilijk doen voor een plekje op deze aardkloot. Kijk maar eens naar die gemeenten met die zogenaamde beschaafde rijkelui, brr Japie, misselijkmakend. Oh, niet in mijn achtertuin hoor, en zo geaffecteerd mogelijk. ’t Zijn nog net geen vieze beesten, maar het druipt ze uit de opgeschoren nekharen en ge-epaleerde wenkbrauwen.  Japie, die figuren die de hele wereld overvliegen en iedereen die iets lager op de maatschappelijke ladder staat aan zo’n verrekte dure elektrische auto willen hebben. En weet je wat ik dan lees? Gaan ze nota bene, ach Japie echt waar, gaan ze heen en weer naar Griekenland, Roemenië of Verweggisthan om zielige straathondjes op te halen. Want ja, da’s pas echt zielig. Ze vervullen met hun gereis de hele halve wereld, kermen moord in brand voor een paar straathondjes geven een vermogen uit om hier de straten vol te poepen (opruimen? Ho maar, Wapse, ik zie je kijken, ho maar, daar krijgen ze vieze handjes van) en willen hier absoluut dat die beestjes een goed te huis krijgen. Let op mannen, die  vlooien houden ze daar maar mooi. Onze asielcentra voor de  corona hondjes en poesjes zitten potjandrie ook nog vol. Moet daar soms ook nog een spreidingswet voor komen?  Kom op, ze zijn gek of ben ik dat? En nu blijkt ook nog dat die beesten uit Verweggisthan ook niet kunnen gedijen. Vreemd en zielig hoor.”

Harms kijkt nog steeds woest om zich heen. Japie schut wijs zijn hoofd . Wapse weet  niets te zeggen en kijkt gewoon scheel van ontzetting.  Maar dat is bij Schele Japie altijd zo.

Bedremmeld staat Japie met zijn glaasjes te drentelen bij de stamtafel.

“Weet je Harms, volgens mij ben jij niet gek. Je hebt helemaal gelijk. Maar maak je niet druk, neem een borrel en laat die verhipte beestenactivisten maar aanklooien man. Jij verandert, ook al heb je helemaal gelijk, de wereld niet. Soms zijn wereldverbeteraars beetje blind voor hun onzin. En nu? Geen woord meer over die arme diertjes.”

Met een woeste ruk kieperde Harms zijn glas ineens achterover. “Verhip, man, je hebt gelijk. Ze bint niet wiezer, zeggen we op de Veluwe. Laten we de wolf maar inzetten op die loslopende asielzoekende hondjes, als je dat toestaat, moet je eens opletten hoe snel er een afschietgebod komt!

Proost.”

Vijftig jaar

“Krijg nou wat, zie ik het goed? Harms, man, wat leuk je hier aan te treffen”.

De woorden stierven als het ware weg in de wijde luchten van het Fries/Groningter landschap. Harms keek eens op. Warempel, denk je eindelijk eens even heel rustig van de leegte van de wereld te genieten, komt daar onze kleine nieuwsgierige Friese Woudboertje Wapse op de trappers langs de dijk naar de haven van Noordpolderzijl.

“Kerel, het is werkelijk niet te geloven. Jij zomaar op een doordeweekse dag. En nog gewoon op het fietsje ook”. Harms keek eens of hij het water van de Waddenzee zag branden. Zullen we nu ook nog weer een klimaatverbeteraar krijgen die erover begint dat hij werkelijk niet elektrisch aangedreven door de wereld snort? Hij moet er niet aan denken. “Nee man, dank je. Nog maar een paar weekjes geleden had ik een discussie of met elektrische fietsen wel fietsen genoemd kan worden”. Een vrouw uit Zwijdrecht maakte mij wel duidelijk dat zoiets echt niet kon. En zij is, eerlijk is eerlijk, een echte fietstrapper hoor. In haar eentje afgelopen weken naar Roche en Ardenne gefietst. Naar haar dochter. Astrid de Heer, ik neem er diep mijn pet en als ik die op heb mijn, hoed, voor af. Wapse keek zijn bejaarde bebaarde en licht behaarde vriend eens aan. Zijn pientere oogjes blikten naar zijn vriend Harms. “Maar man, wat een discussie. Dat noem ik gewoon “Niet fietsen”. Fietsen doe je zonder trapondersteuning, toch?” Nou dat kon Harms maar al te best beamen. “Maar ja, hoe noem je dat andere soort aangedreven vervoer dan?” De vraag was voor Wapse niet moeilijk te beantwoorden. “Een fiets met doping. Zo zou ik het noemen. Maar wat vaart jou hier naar toe?”

“Ach Wapse vijftig. Vijftig jaar. En ik moet er maar eens een paar dagen voor naar een mooi deel in de wereld. Vijftig, en op eigen benen staan. Vijftig jaar getrouwd. Vijftig, en overdenken wat er in die vijftig jaar allemaal is gepasseerd. Vijftig, Wapse, en er zijn er waar ik al heel lang geleden afscheid van moest nemen en ja Wapse, het zijn er in de naaste familiekring van ons beiden ook bijna 50. En als ik mijn vrienden en bekenden mee tel…ach vriend, dat stemt mij toch ook heel weemoedig. ‘k Zal niet dramatisch doen, maar vijftig is wel even een dingetje. Maar ook vijftig jaar zegen hoor. Maar weet je Wapse, als je er voor staat dan besef je eigenlijk de diepgang der dingen, vreugde en verdriet, niet zo goed. Je beseft eigenlijk niet waar je “ja” op zegt. Dan is je blik alleen maar gericht op de rozengeur van de toekomst. En na vijftig jaar zeg je: dankbaar voor die fantastische vrouw. Die wil ik er graag nog 50 jaar bijhouden. Al besef ik nu wel dat dat een utopie zal zijn. Maar als je na vijftig jaar kunt zeggen: 4 kinderen en ik zeg eigenlijk 5, en 6 kleinkinderen, ja Wapse, dan ben ik een rijk gezegend mens. Samen zijn we die toekomst ingegaan, jazeker Wapse, maar na 6 weken lag ik al in het ziekenhuis, maar goed soms door stormen en zo, is het toch een heel voorrecht om mijn lieverd (nog) te hebben. Als wij niet samen waren gekomen, ja dan hadden wij die lieve kinderen en kleinkinderen natuurlijk ook niet gehad.

En dus moest deze jongen er even een paar dagen tussenuit om alles eens rustig te overdenken”. “Kom, we nemen er eentje in het ’t Zielhoes, Wapse, op mijn kosten. Feestje, zal ik maar zeggen.”

Wapse keek eens met een schuin oog naar zijn oude vriend Harms. ” ’t Is ook wel een hele tijd man. En dan nu een feest?” Natuurlijk wilde Wapse dat wel even weten. Misschien zelfs wel mee feesten. Maar dat zag de ouwe Harms toch niet helemaal zo zitten. Iedereen gunde hij het. En ja, natuurlijk ook zijn vriend Wapse. Maar ja, als Wapse dan…nee dat kon hij allemaal niet verwerken. Voor zijn vrouw veel te druk en hij kon al het geroezemoes toch ook niet helemaal trekken. Zij liep al niet zo snel en dan zou dat wel een heel bezurende aangelegenheid worden. Ook al omdat hij meer dan de helft niet verstond. Maar een feestje voor zijn nog levende broers en zus met aanhang , schoonfamilie, kinderen en kleinkinderen, ja dat moest er wel van komen. En ’s avonds nog een paar directe buren en speciale vrienden.

Ach heden, wat liep die lieve vrouw toch te tobben over de weersverwachting, Harms peinsde, had zij nou nog niet geleerd dat jij noch iemand anders daar ooit wat aan kon veranderen? Toen ze gingen trouwen was het smoorheet. En nu? Een zware verwachting van regen en onweer met hagel. ” ‘ t Zou wat, ’t komt zoals het komt Wapse, dat heb ik wel geleerd in die 50 jaar.

Enfin, de Beerenburger staat koud, de wijn koel en de rest is uitbesteed Wapse. We doen het gewoon thuis. Geen fratsen, noch toeters en al helemaal geen bellen. Dus alleen met de eigen aanhang. Scheelt ook een aanhanger aan allerlei gesjouw, gesjor en gerommel. In een overdekte zaal? “

Dat zag Harms al helemaal niet zitten.

“Ga je nog speechen, Harms?”

Harms knikte.” Zeker man. Zeker, vijftig kantjes. Voor ieder jaar een bladzijde. Lijkt mij geweldig.” ” “Je meent het, vijftig kantjes tekst? Man waar haal je dat vandaan?” Wapse wist niet wat hij hoorde. En de gasten vermoedelijk ook niet, om een rolberoerte van te krijgen. Harms zag het al voor zich.

Hij grijnsde. ” Kijk mijn beste, dat ga ik ze vertellen. Zeggen dat mijn speech, en of ze er maar even voor willen gaan zitten, vijftig kantjes gaat tellen. Ben benieuwd hoeveel er dan nog blijven zitten. Scheelt zeker een flinke slok op vele borrels, zal ik maar zeggen. En na bladzijde 1 zeg ik: voor de rest beste mensen, voor de rest van mijn betoog moet ik u verwijzen naar de geschiedenis die wij samen grotendeels hebben meegemaakt. Ik heb er geen actieve herinneringen meer aan en ik ga jullie er ook niet mee vermoeien. Neem een borrel, glas wijn, of wat dan ook en wij proosten op dit jubileum met elkaar. Het ga jullie goed”.

“Harms, jij bent wel een snurker hoor, zouden ze erin trappen? “

“Ik denk het wel Wapse, want ze weten dat ik heel lang van stof kan zijn. Maar wat ze niet door hebben, heb ik heel mijn leven al begrepen, dat ik ook heel kort (af) kan zijn. ” “Ah, je bent dus toch een gewone Fries bedoel je, met Veluws zand in de (r)aderen”. De beide mannen stapten intussen naar de trappen van ’t Zielhoes. “Verhip, Wapse, net als in het huwelijk. Soms lukken de dingen niet zoals je denkt, is de tent gesloten! Nou die borrel houd je te goed.”

Meewarig keek Wapse om zich heen. Harms bleef echter niet bij de pakken neerzitten. Hij opende de fietstas en tot grote verbazing van Wapse werd er een echte Beerenburger ontkurkt. De beide mannen hadden vervolgens heel wat af te keuvelen. Net zoals later op het feestje in huize Harms met familie buren en wat speciale vrienden.

En het was nog lang heel gezellig.

Nunspeet, 22/26 augustus 2023

Pagina 2 van 89

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén