Pieter Hoeksma

De beslommeringen van een ligfietsende levensgenieter

plooiwagen

Wij zijn geplooid. De plooiwagen is weer verkocht. Wat hebben we er een plezier aan beleefd. Beleefd hebben we weer afscheid genomen, maar dan sta je voor de keus: wat dan?IMG_1633

We hebben nu, oneerbiedig gezged, een koekblikje gekocht. Geinig voor weinig. Of weinig maar geinig.Inmiddels hebben we er onze eerste nachten in gebivakkeerd. ’t Kan verkeren. En nu weten we wel dat dit ook erg leuk is. Is de leut er af dan wordt het uiteraard weer wat anders, maar voorlopig proberen we deze weer even te optimaliseren tot jaloersmakend toe. Want de droom is nog geen werkelijkheid. We blijven uiteindelijk gewoon pelgrimerende zwervers over de aardkloot.

Hier zwerven we in Oostwoud. Camping Veerhof. Een geweldig plekje!IMG_1805Toch zo een paar fototje’s van hoe het was. IMG_1807IMG_1823
IMG_1808Omdat trekken in het bloed zit zijn we na een paar dagen weer verder gegaan. Richting de tulpenweide. En dat blijkt wel uit dit plaatje. We hebben er al vaker gestaan, maar nooit met de tulpen in bloei!IMG_1840IMG_1844Ook nog even heerlijk wezen foto’s maken van mooie vogels zoal de tapuit:
IMG_1871De territorium beluste bergeenden.IMG_1852

De mooie brandganzen.
IMG_1855Straf windje en veel regen deed ons besluiten niet langer besluiteloos toe te zien en huiswaards te keren. En als het een beetje mee zit, ga ik er ook nog weer even op uit. In mijn uppie in dit ukkie. En ’s nachts lekker geplooid in de superzwerver (een mooie naam hebben we nog niet bedacht). Zoiets.

Hom of K(r)uijt?


Belijdenis doen.

Eerst was er het kopje “kerkelijke tucht”. Bij nader inzien is de andere beter. En actueler. Vandaag de dag wordt immers in de kerk veelvuldig Petrus weer van stal gehaald. “Ik ken die man niet”. En dan wordt de koppeling met het doen van openbare belijdenis ineens weer heel actueel.

Sommige zaken worden voor de eeuwigheid vastgelegd. En in mijn werk proberen we ook de zaken te bewaren en toegankelijk te maken voor de eeuwigheid.

Voorwaar geen kleine opdracht. En in het licht van het vorenstaande maak ik dan ook het volgende toegankelijk, omdat het bewaard is gebleven voor de eeuwigheid bij het RHC Rijnstreek en Lopikerwaard.

Een zaak van belijdenis doen die zich afspeelt in het jaar 1882 waarbij de kerkelijke “tucht” als het ware op de achtergrond een hoofdrol speelt.

Het – hut

Jawel. Weer eens wat anders. Anders zou het saai worden. Worden tegenwoordig nog al eens woorden misbruikt, vandaag ben ik met stomheid geslagen en kom woorden tekort. Het en hut.

Wij kijken en luisteren vooral vaak naar de Belgische zenders. Onvoorstelbaar en onvoorspelbaar worden woorden en zinswendingen gebruikt die wij slechts met schaterlach in ons opnemen. Woorden die wij allang in het Engels hebben verminkt worden door onze Belgische buren op een fantastische manier de ether in gekieperd. Maar daar gaat h’t nu niet om. Het gaat om “hut”. Onze Belgen hebben veel moeite met het “ ha” en dan de eerste letter. Maar vanavond was er een leuke dame die het woordje “het” uitspreekt als “hut”.

“Het” wordt op deze wijze “hut”. En vrouwlief zegt heel simpel: je vader gebruikte “hut” ook voor “het”. Ik ben slechts met stomheid geslagen. Ik weet “ut” niet meer. Ik kan me er niets van herinneren? Wie wel?

Ziekte in de botten of de genen?

Ik en  mijn broertjes. Of, en dat klinkt netter, mijn broertjes en ik. Het komt natuurlijk op hetzelfde neer. Wij. Wij hebben een bepaalde ziekte in de “botten”. Wij wilden naar zee. Maar pa vond eentje meer dan genoeg. En nu kun je zeggen: genoeg daarover, maar dan heb ik ook nog wel een duit in het zakje te doen.

Genoegdoening. Wil ik eigenlijk nog steeds al bereik ik zo langzaam maar zeker de leeftijd van wijze mensen. Ik ben mens. En wijs. Op zijn minst eigenwijs. En dus wilde ik toch eigenlijk wel eens weten waar komt die voorliefde voor “zee” vandaan.

Verzekerd van deze ongebreidelde nieuwsgierigheid, soms een lastige eigenschap, ben ik toch maar eens gaan spitten in het voorgeslacht. Ergens diep in het verleden zijn er een paar van vaders stam die wellicht ergens gelieerd kunnen worden aan de afzakkertjes van de tak Pieter. Op internet is een site vindbaar over Lemsterschippers. En ergens in al die achterliggende verhalen komt ook wel een Hoeksma voor. Voorkomende persoonlijkheid was ie zeker niet, want hoewel ik diverse stapeltjes papier tot mijn beschikking heb met schippergelieerde activiteiten, feitelijk moet ik concluderen: die Pieterszonen hebben het niet “echt”.

Pagina 61 van 96

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén